Prestatieonderzoek bezorgt gemeenten opstekers en vraagtekens
30-03 2009 | 11:03De website Waarstaatjegemeente.nl onderzocht tussen 2005 en 2008 hoe burgers in 151 gemeenten de prestaties van hun gemeente waarderen. Het eindklassement werd gevormd door de scores van de zes onderdelen kiezer, klant, onderdaan, partner, wijkbewoner en belastingbetaler op te tellen. Bunschoten eindigde met 41,6 punten (gemiddeld 6,9 per onderdeel) bovenaan, Schiedam werd laatste met 32,4 punten (5,4 gemiddeld).
| Gemeente | Bunschoten | Schiedam |
| Provincie | Utrecht | Zuid-Holland |
| Inwoners | 20.000 | 76.000 |
| Oppervlakte | 35 km2 | 20 km2 |
| Burgemeester | Melis van de Groep | Wilma Verver-Aartsen |
| Aan het woord | Burgemeester Melis van de Groep | Wilma Verver-Aartsen |
Wat zegt het resultaat over de prestaties van uw gemeente?
Melis van de Groep: 'Het toont in hoeverre onze burgers de prestaties van de gemeente waarderen ten opzichte van burgers in andere gemeenten. Dat onze inwoners meer tevreden zijn dan burgers in andere plaatsen, is mooi meegenomen. Ik zie het vooral als een opsteker die laat zien dat ons werk wordt gewaardeerd. Maar het is net een voetbalcompetitie: dit seizoen eindigen we bovenaan, maar volgend seizoen beginnen we weer op nul.'
Wilma Verver-Aartsen: 'Het zegt weinig over hoe we er op dit moment voor staan, want de cijfers van het onderzoek dateren in ons geval uit 2004. Inmiddels zijn we vier jaar verder en is er in Schiedam veel veranderd. In recente onderzoeken scoren we veel beter. Bij onderzoeken die we zelf in 2005 uitvoerden kwamen we op meerdere onderdelen overigens ook stukken beter uit de verf dan in het onderzoek van Waarstaatjegemeente.nl.'
Bent u verrast door dit resultaat? Waarom (niet)?
Melis van de Groep: 'Het totaalcijfer en de cijfers die de burgers ons per onderdeel hebben gegeven, waren in het voorjaar van 2008 al bekend omdat het onderzoek in 2007 plaatsvond. Pas vorige week zijn de resultaten van alle deelnemende gemeenten bekend en naast elkaar gelegd. Dat wij eerste zijn geworden, verbaast me wel. Ik had eigenlijk verwacht dat andere gemeenten een hogere score zouden halen.'
Wilma Verver-Aartsen: 'Ik ben zeer verrast. Ten eerste omdat de jaren oude cijfers nu opeens weer worden gebruikt. Het geeft pas een eerlijk beeld wanneer het onderzoek in gemeenten in dezelfde periode zou zijn uitgevoerd. Daarnaast zijn we als gemeente zeer verrast dat de resultaten openbaar worden gemaakt omdat het een vertrouwelijk onderzoek betrof waarvan de uitkomsten alleen ter informatie aan ons ter beschikking zijn gesteld.'
Waar ligt de belangrijkste oorzaak van het eindcijfer?
Melis van de Groep: 'Het is echt een allround score, er is niet één bepaald onderdeel waarop we pieken. In geen van de zes categorieën hebben wij de hoogste score behaald. Onze beste scores waren op de onderdelen partner (8,3) en belastingbetaler (7,3). Dat komt denk ik doordat we ons voor de beleidvorming goed inleven in de burger en zodoende burgergericht werken. Daarnaast zijn de belastingen laag terwijl het voorzieningenniveau hoog is.'
Wilma Verver-Aartsen: 'Dat kan ik niet precies aangeven, vooral omdat bij het prestatieonderzoek onze slechte resultaten niet zijn onderbouwd. Verder is het opvallend dat wij in geen enkel ander onderzoek zo laag scoren. Ik wil niet zeggen dat we op alle onderdelen opeens goed scoren, maar ik weet zeker dat de laatste plaats op de gemeentenranglijst niet het juiste beeld weergeeft.'
Uit de score spreekt geen overweldigend vertrouwen in het stadsbestuur (onderzoeksonderdeel kiezer). Heeft u enig idee hoe dit komt en gaat u er nog iets aan doen?
Melis van de Groep: 'We scoorden op het onderdeel kiezer een 6. Als je in ogenschouw neemt dat het aanzien van de politiek in heel Nederland laag ligt en dat de nummer één een 6,4 scoorde, hoeven we hiermee niet ontevreden te zijn. Dit betekent niet dat we het niet graag hoger zien, maar de tevredenheid van over de dienstverlening heeft altijd prioriteit.'
Wilma Verver-Aartsen: 'Dit is denk ik een landelijke tendens die doorslaat op gemeenten. Burgers zijn steeds minder betrokken bij politiek. Uiteraard doen we er alles aan om dit te verbeteren. Sinds drie jaar besteden we onder meer extra aandacht aan wijkgericht werken. Het stadsbestuur gaat regelmatig de wijken in en we organiseren bijeenkomsten waar Schiedammers zelf onderdeel zijn in de totstandkoming van het beleid.'
Heeft het onderzoek gevolgen voor het gemeentelijk beleid?
Melis van de Groep: 'Absoluut. Aan de hand van het onderzoek zijn direct aanbevelingen in het burgerjaarrapport gezet. Voor de invoering van servicenormen moeten bijvoorbeeld per product vastgestelde termijnen komen waarbinnen de gemeente reageert en het product levert. Voor een paspoort is deze termijn simpel vast te leggen, maar voor een bouwvergunning is dat ingewikkelder. Op een aantal punten zijn deze servicenormen al ingevoerd, maar het moeten er stapsgewijs meer worden. Voor de beslistermijn van een bezwaarschrift zijn naar aanleiding van het onderzoek inmiddels al nieuwe regels opgesteld zodat burgers gegarandeerd sneller antwoord krijgen.'
Wilma Verver-Aartsen: 'Dit oude onderzoek inmiddels niet meer, maar we gaan zorgvuldig om met de resultaten uit elk onderzoek. We laten regelmatig onderzoek uitvoeren en monitoren aan de hand van een panel bestaande uit 1.300 Schiedammers vaak hoe en waar we ons als gemeente kunnen verbeteren. Hiermee gaan we vervolgens ook altijd aan de slag, dat zit bij onze bestuurlijke organisatie ingebakken.'
Beoordeel dit artikel


