1-tegen-1: 'Hondenoverlast laten verdwijnen is erg lastig'

01-10 2009 | 12:00
Waardering
 

Mensen ergeren zich al jaren aan hondendrollen. Lang niet alle hondenbezitters ruimen immers de uitwerpselen van hun viervoeter op. Is dit probleem wel aan te pakken en zoja: hoe? De gemeenten Barneveld en Roermond geven in deze editie van 1-tegen-1 hun mening over deze kwestie.

 

Gemeente Barneveld Roermond
Provincie Gelderland Limburg
Inwoners 52.000 55.000
Oppervlakte 176,7 km2 71,2 km2
Burgemeester Jos Houben Henk van Beers
Aan het woord Wethouder Leen Verweij Wethouder Gerard IJff

  


1. Vormen hondendrollen een groot irritatiepunt in uw gemeente?

Leen Verweij: ‘Ja, uit allerlei metingen blijkt dat hondenpoep op plaatsen waar het niet hoort tot de grootste overlastpunten behoort. Er komen ook geregeld klachten over binnen. Niet allemaal direct bij de gemeente, maar vooral via onze wijkplatforms.’
 
Gerard IJff: ‘Ja. Op informatieavonden krijgen we er regelmatig opmerkingen en vragen over en uit een onlangs gehouden enquête bleken hondenuitwerpselen overlastveroorzaker nummer één. Met name op verharde ondergronden zoals straten of stoepen leidt het tot overlast. Het gaat stinken, ziet er niet prettig uit en mensen moeten oppassen dat ze er niet in trappen.’
 
2. Is het tegengaan van de overlast geen vechten tegen de bierkaai?
Leen Verweij: Dat moet blijken. Ik vind dat je in ieder geval je best moet doen om de overlast tot een minimum te beperken. Daarom hebben wij ook beleid ontwikkeld dat leidt tot het verminderen van de overlast. Ik zegt bewust verminderen en niet verdwijnen, want dat wordt denk ik wel lastig.
 
Gerard IJff: ‘Dat denk ik niet, maar het is wel lastig omdat de oorzaak van het probleem niet bij de gemeente ligt. Het zijn de honden die de overlast veroorzaken. Toch proberen we op meerdere manieren iets tegen de overlast te doen.’
 
3. Wat onderneemt uw gemeente tegen de overlast?
Leen Verweij: In eerste instantie proberen we hondenbezitters tegemoet te komen door te zorgen voor voldoende uitrenplekken voor de honden. Zo proberen we ze zo goed mogelijk te faciliteren. Maar daarbij moeten ze zich natuurlijk wel aan de regels houden en om dit te bevorderen hebben we eind 2008 een boa aangesteld die specifiek op de hondenregels controleert. Het handhaven van de regels door boetes uit te delen is ook nodig, want mensen moeten wel beseffen dat het menens is. Uit evaluaties van de wijkplatforms blijkt dat sindsdien op meerdere plaatsen de overlast is afgenomen, maar nog nergens in voldoende mate. Dit heeft weer te maken met de hoeveelheid uitrenplaatsen, dus daar zetten we nu veel op in.
 
Gerard IJff: ‘We nemen in eerste instantie preventieve maatregelen, te beginnen met goed communiceren wat wel en niet mag. Ook hebben we dispensers geplaatst waar mensen de hondendrollen in achter kunnen laten en zijn de bestaande uitlaat- en losloopgebieden voor honden verbeterd en duidelijker aangegeven. Verder hebben we onlangs als proef een poepzuiger ingehuurd. De eerste ervaringen zijn beter dan verwacht. De zuiger maakt de straten vrij snel schoon en ze blijven ook langer schoon. Natuurlijk is ook het handhaven van de regels belangrijk. We hebben daarom 2 hondencontroleurs in dienst die hierop controleren en boetes kunnen uitdelen.’
 
4. Hoe belangrijk is de rol van sociale controle?
Leen Verweij: Ik heb er geen zicht op in hoeverre dit gebeurt. Het zou natuurlijk heel mooi zijn als dit vaak geschiedt, want het werkt vaak goed als bewoners elkaar ergens op aanspreken. Ik kan me echter voorstellen dat dit lastig is, want de honden laten hun uitwerpselen vaak achter als niemand het ziet. Je kunt een hondenbezitter pas aanspreken als je het daadwerkelijk ziet gebeuren. Over het algemeen is de sociale controle in Nederland de laatste jaren afgenomen, dus ik vermoed eigenlijk dat het op dit vlak niet anders is.
 
Gerard IJff: ‘Burgers kunnen ook zeker iets betekenen, bijvoorbeeld door de eigenaar van de hond aan te spreken als een drol niet wordt opgeruimd. Maar ze moeten daarbij wel op hun eigen veiligheid letten, want niet iedereen is makkelijk aanspreekbaar. Ze kunnen ons altijd een anonieme tip geven waarna onze hondencontroleurs bijvoorbeeld gericht op die persoon en zijn huisdier letten.’
 
5. Heeft u tips voor andere gemeenten?
Leen Verweij: Voor mij was het heel belangrijk om bij het ontwikkelen van de plannen de wijkbewoners én hondenbezitters zelf aan het woord te laten. Hun inbreng was essentieel bij het opstellen van de plannen. Het is belangrijk dat de uitvoering uiteindelijk tegemoet komt aan de wensen van alle betrokken partijen.
 
Gerard IJff: ‘Pak het probleem breed aan. Zet in op communicatie, preventie én handhaving. Zodra 1 van deze aspecten wegvalt, werkt de aanpak niet. Verder is het altijd belangrijk om ervoor te zorgen dat maatregelen een breed politiek draagvlak hebben.’

Eerder verschenen in de rubriek 1-tegen 1:

Beoordeel dit artikel