'Meer overlast door sluitingstijden'
21-05 2010 | 10:30 | Door: RedactieMedemblik vervroegde dit jaar de toegangs- en sluitingstijden van de horeca. Groningen hanteert juist al jaren vrije horecatijden. Wat zijn hun beweegredenen?
| Gemeente | Medemblik | Groningen |
| Provincie | Noord-Holland | Groningen |
| Inwoners | 27.400 | 187.600 |
| Oppervlakte | 179 km2 | 83,69 km2 |
| Burgemeester | Theo van Eijk | Peter Rehwinkel |
| Aan het woord | Burgemeester Theo van Eijk | Burgemeester Peter Rehwinkel |
1. Wat zijn de uiterlijke toegangs- en sluitingstijden voor de horeca in uw gemeente?
Van Eijk: 'De uiterlijke toegangstijd in Medemblik en vele andere gemeenten in West-Friesland is twaalf uur ‘s nachts. Tot eind 2009 kenden we geen uiterlijke toegangstijd, maar deze is begin dit jaar ingesteld. De sluitingstijd is in principe 2.00 uur ’s nachts, maar hier gaan we vrij soepel mee om. Als een horeca-eigenaar goed ondernemerschap toont, zijn wij best bereid om de sluitingstijd op te rekken. De toegangstijd is voor ons het belangrijkste.'
Rehwinkel: 'In Groningen gelden geen uiterlijke sluitings- of toegangstijden. Horecaondernemers mogen dit bij ons al jaren zelf bepalen.'
2. Waarom is voor deze tijden gekozen?
Van Eijk: 'Aanleiding voor het vervroegen van de toegangstijd was een onderzoek door het onafhankelijke kennisinstituut STAP dat zich inzet voor een effectief alcoholbeleid. Uit dit onderzoek bleek dat het invoeren van een vroegere toegangstijd het vooraf indrinken van de jeugd terugdringt. De vroegere sluitingstijd hebben wij overigens niet als enige gemeente ingevoerd, deze afspraak is samen met andere West-Friese gemeenten vastgelegd in een convenant. In dit convenant staan ook tal van andere maatregelen om het overmatig alcoholgebruik onder jongeren een halt toe te roepen, waaronder een voorlichtingscampagnes op scholen, ‘alcohol nee-contracten’ voor basisscholen en vroege signaleringscursussen.'
Rehwinkel: 'Wij hebben voor deze aanpak gekozen omdat uit onderzoek dat begin jaren negentig is uitgevoerd onder meer naar voren kwam dat invoering van sluitingstijden een negatief effect op de overlast zou kunnen hebben. Doordat nu iedereen verspreid over de avond en nacht naar huis gaat, vermindert de kans op overlast. Wij denken dat er meer overlast is wanneer alle mensen bijvoorbeeld om 2.00 uur verplicht de straat op moeten.'
3. Denkt u dat vroegere toegangstijden helpen om het drankgebruik onder jongeren te verminderen?
Van Eijk: 'Absoluut, de eerste signalen wijzen dat ook uit. Jongeren gaan alsnog vanaf een uur of negen thuis voordrinken, maar gaan veel eerder van huis om op tijd in de kroeg te zijn. Het blijkt ook dat ze vervolgens eerder vanuit het café of de discotheek weer naar huis gaan. Ze blijven gemiddeld drie uur in een disco of café: hoe eerder ze er zijn, hoe eerder ze ook weer huis zijn. Dit scheelt per uitgaansavond een aantal biertjes en daar is het ons om te doen. Het publiek komt nuchterder in de horeca, blijft in dezelfde uitgaansgelegenheid en vertrekt nuchterder richting huis. Dit heeft ook een positief effect op de openbare orde en veiligheid, want het is na middernacht een stuk rustiger op straat.'
Rehwinkel: 'We verwachten dat dit weinig verschil maakt. Als de kroegen eerder dichtgaan, beginnen de jongeren vroeger op de avond te drinken, of ze vinden wel oplossingen om na sluitingstijd op andere wijze aan drank te komen. Om jongeren echt te ontmoedigen om te drinken, zijn in onze ogen andere maatregelen nodig. Die staan in ons plan Aanpak overmatig alcoholgebruik jongeren.'
4. Zijn bargasten die ’s nachts van kroeg naar kroeg trekken een grote bron van overlast?
Van Eijk: 'Dit zorgde in Medemblik altijd voor relatief veel overlast, maar sinds de invoering van de toegangstijd is deze problematiek helemaal verdwenen. Cafébezoekers kunnen de kroeg na twaalven wel uit gaan, maar ze mogen dan nergens meer in. Hierdoor ontstaat op straat veel minder overlast.'
Rehwinkel: 'Doordat de kroegen de hele nacht open zijn, gebeurt het natuurlijk regelmatig dat groepen mensen tussendoor besluiten naar een andere kroeg te gaan. Dit zorgt ook wel eens voor overlast op straat, maar het probleem is niet zo groot dat we maatregelen moeten treffen.'
5. Hoe zwaar weegt de mening van de horeca bij het vastleggen van de horecatijden?
Van Eijk: 'We luisteren naar de horeca, maar dat betekent niet dat we altijd doen wat ze zeggen. Ieder besluit heeft z’n nadelen en in dit geval zijn de kleine kroegen in Medemblik de dupe van de vervroegde toegangstijd. Veel mensen gaan vanaf daar voor twaalven weg zodat ze op tijd in de discotheek zijn. Daarom zijn we ook best bereid kleinere cafés tegemoet te komen als ze langer open willen blijven. Voorlopig blijft de toegangstijd echter staan op twaalf uur ’s nachts zodat we na één en twee jaar de resultaten van het besluit kunnen meten.'
Rehwinkel: 'We zoeken over elk te nemen besluit vooraf overleg en afstemming met de horeca, maar dat betekent niet dat we altijd met hun oordeel volgen. De horeca is bijvoorbeeld blij met de vrije toegangs- en sluitingstijden in Groningen, maar als we op Koninginnedag besluiten om drank op straat te ontmoedigen, zijn ze er minder blij mee. We betrekken de horecaondernemers in ieder geval wel altijd bij de besluitvorming.'
Eerder verschenen in de rubriek 1-tegen 1:
Beoordeel dit artikel



Reacties (1)
Petra | 21-05-2010 | 13:47
STAP is zeker GEEN onafhankelijk onderzoeksbureau, het is juist een instantie die tegen alcohol is en zich ook altijd zo uit laat. Toch gek dat bijna alle gemeenten in West Friesland ondertussen alweer verandert zijn van mening en de 00.00 deadline hebben aangepast. En dat na 4 maanden!!
Ik heb een klacht over deze reactie »Maar wanneer gaan de gemeenten in West friesland eens wat doen tegen al die indruk locaties en feesten tijdens de kermis. Als er ergens drankmisbruik is is het daar wel. Men neemt toch altijd de weg van de minste weer stand voor schijnmaatregelen