Wethouder om tafel met zorgaanbieders

0

Wethouder Karsten Klein wil met zorgdirecteuren regelmatig om de tafel om “een regie- en signaalfunctie” op zich te nemen in de Haagse ouderenzorg. “Ik bemoei me niet met individuele bedrijfsvoering, maar wil met zorgpartners in gesprek over de kwaliteit van wonen en zorg.”

Veelvuldige organisatieveranderingen

en wisselingen van het management hebben hun weerslag gehad op de

zorgverlening.’ Dat is een van de conclusies uit het onderzoek dat

wethouder Karsten Klein van Den Haag heeft ingesteld naar de

ouderenzorg in de regio. Aanleiding waren de misstanden in het Haagse verpleeghuis Loevestein begin

september. 

De wethouder heeft geen formele verantwoordelijkheid ten

opzichte van zorgorganisaties, die immers onder de AWBZ vallen. “Ik zie

het als een morele plicht om voor de zorg voor kwetsbare mensen een

regiefunctie en signaalfunctie te vervullen”, zegt hij tegen vakblad Zorg+Welzijn.

Voorkomen

Het

onderzoek richtte zich op de vraag of de misstand in verpleeghuis

Loevestein een incident was of dat er structurele tekortkomingen in de

Haagse ouderenzorg zijn. Verder was de vraag of het – landelijke –

kwaliteitsbeleid voldoende is om misstanden te voorkomen. En of de

gemeente – in dit geval de wethouder – verantwoordelijkheden én

mogelijkheden heeft op het gebied van de ouderenzorg.

De

conclusie van het onderzoek: er was sprake van een incident en de

kwaliteitsregels hebben naar behoren gewerkt. De gemeente heeft geen

formele rol in de AWBZ-zorg, waar de verpleeghuiszorg onder valt. “Maar

als gemeente hebben wij te maken met de Wmo en dus ook met de zorg voor

ouderen”, zegt wethouder Klein. Daarom neemt hij de regie over de

ouderenzorg in zijn gemeente. “Dat betekent dat ik met directies van

verpleeg- en verzorgingshuizen regelmatig de kwaliteit van wonen en

verzorging zal bespreken.”


Gesprek
“Steeds

meer AWBZ-taken gaan door bezuinigingen van het Rijk over naar de gemeenten via

de Wet maatschappelijke ondersteuning. In die rol moeten wij de zorg voor ouderen met de zorginstellingen

afstemmen. Dan is een periodiek gesprek over de kwaliteit van de zorg

met zorgpartners niet vreemd. Ik ga niet over de individuele

bedrijfsvoering. Maar ik ga er wel dichter op zitten dan in het

verleden.”

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

Reageer