OpinieVNG had gelijk met regiogemeenten

8

De regiogemeenten moeten er komen. Opschaling maakt een einde aan bestuurlijke drukte.

– OPINIE – 

Op het jaarcongres van de VNG in juni 2010 is

het advies van de commissie Kalden afgeschoten door de gemeenten. Logisch, want welke gemeente stemt er nu vrijwillig voor opheffing?

Kalden adviseerde opschaling naar 25 – 30 regiogemeenten, om bestuurlijke

slagkracht te creëren. Hiermee

komt de omvang van een regiogemeente min-of-meer overeen met de grootte van een

waterschap (er zijn nu 25 waterschappen).

Toch krijgt Kalden uiteindelijk wel gelijk, want het opschalingsproces

van fuserende gemeenten gaat gewoon door. Begin 2009 waren er nog 441

gemeenten, in 2011 zijn dat er nog 418. Maar

er zijn ook andere ontwikkelingen, waarom het verstandig is om aan te sturen op

de vorming van regiogemeenten.

Om te beginnen brokkelt de politieke

steun voor de ouderwetse provincies snel af. Het taakveld van provincies wordt steeds

kleiner en spitst zich toe op regionale ruimtelijke ordening en mobiliteit, en maatschappelijke

franje zoals jeugd- en sportzaken wordt naar de gemeenten overgeheveld.

Waterschappen

De

waterschappen daarentegen zijn in de afgelopen 15 jaar juist flink opgeschaald

naar professionele organisaties voor waterveiligheid en waterbeheer in de regio.

De huidige provinciale 'tussenschakel' tussen waterschapen en Den Haag is ook echt

uit de tijd, want de moderne waterschappen hebben meer dan voldoende

schaalgrootte en expertise om zelf rechtstreeks met het ministerie zaken te

doen.

De ambitie voor forse besparingen in de afvalwaterketen wordt echter gehinderd

door de versnipperde verantwoordelijkheid tussen gemeenten (rioolbeheer) en

waterschappen (afvalwaterzuivering).

Nederland is te dicht bevolkt geraakt voor

allerhande onafhankelijke bestuurlijke structuren. Steeds vaker is integrale

regionale afstemming vereist, zoals bij de aanleg van een weg of het beheer van

rioolwater. Gemeenten klonteren samen, terwijl 

de taken van de provincies worden uitgehold. Toch lopen pogingen tot een

bestuurlijke reorganisatie telkens op niets uit.

Vlucht naar voren!

Stap 1: In

afwachting van de de voortschrijdende fusering tot regiogemeenten in de komende

tien jaar, kunnen waterschappen en provincies nu alvast eenvoudig worden

samengevoegd tot Waterprovincies. Water is in

ons zompige land het leidend beginsel bij alle ruimtelijke plannen.

Waterprovincies

nemen de regie bij ruimtelijke ontwikkeling, water en mobiliteit. De gemeenten

binnen de toekomstige grenzen van de waterprovincies moeten structureel gaan

samenwerken of anders fuseren, zoals de commissie Kalden al had geadviseerd. En

de afvalwaterketen moet worden georganiseerd in publieke bedrijven met de

gemeenten en waterprovincies als aandeelhouder. Eventueel

aangevuld met het regionale drinkwaterbedrijf als lokale investeerder, vanwege

de logistieke kennis

Direct

mandaat van de kiezers

Met de komst

van de waterprovincies krijgt ruimtelijke ordening ook weer smoel en focus!

Want over de eigen leefomgeving heeft iedereen wel een mening. De water-provincies

als onafhankelijke regionale regisseur voor ruimtelijke ontwikkeling verdienen daarom

een eigen mandaat, géén afgeleide van Haagse of gemeentelijke verkiezingen.

Want

wie stemt er nog op basis van provinciale belangen? Het gaat toch om de vraag

hoeveel zetels het kabinet en haar gedoogpartner in de Eerste Kamer krijgen?

Verder wil dit kabinet de waterschapsbesturen laten verkiezen door de

gemeenteraden, terug naar de regententijd. Dit ondemocratische idee kan dan ook

meteen van tafel.

2025

Stap 2: De logische volgende stap rond 2025 of zo is om de water-provincies en de

opgeschaalde regiogemeenten in elkaar te laten opgaan, met de oorspronkelijke

gemeenten als deelgemeenten met een eigen ‘service loket’ maar geen eigen gekozen

raad. Zo verandert er aan de ene kant weinig: alle historische structuren

blijven in naam bestaan: provincie, waterschap en (deel)gemeenten. En aan de

andere kant ontstaat er eindelijk rust in de bestuurlijke drukte.


Hans

Middendorp is senior consultant Ruimtelijke Ontwikkeling en Water bij Balance.

Volg Gemeente.nu op Twitter.

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

8 reacties

  1. En wederom een duit in het zakje van de hype over “bestuurlijke drukte”. Want o, wat is het toch druk. En wat hebben we daar toch een last van.
    Onzin natuurlijk. Vraag een willekeurige burger wat hij merkt van de bestuurlijke drukte, en hij antwoordt dat hij er niks van merkt.
    Maar, ontevreden als altijd, vinden we natuurlijk dat het allemaal anders moet. Niks geen lokale gemeente met een loket in het eigen dorp, nee opschalen naar halve provinciegrootte en lekker afstandelijk. Want dan hebben we minder bestuurders. En dat is goed. Of zo.
    Terwijl een lokale gemeente nog in de buurt zetelt, nog enig benul heeft van welke straat de meneer aan de balie het nu weer over heeft, en nog enige feeling heeft met wat er lokaal leeft. Maar nee, dat kan allemaal overboord. Ga maar lekker in het midden van de provincie zitten, groot gebouw, en nooit meer het land in, want dat is niet efficient.
    In een presentatie zal het vast goed overkomen, maar in de praktijk werkt dat natuurlijk niet. Laat de gemeenten gewoon zelf een goede schaal uitzoeken, waarbij er genoeg inkomsten (=inwoners) zijn om een goede dienstverlening te bieden, maar waarbij de gemeente niet zo groot is dat men niet meer weet wat er speelt. Waarom denk je anders dat bijvoorbeeld Rotterdam deelgemeenten nodig heeft?
    Want wat is nou het probleem met de grootte van de gemeenten? Ik kan het echt niet bedenken. Don’t fix what isn’t broken!

    En over de waterschappen: die doen een taak. Als je dat gaat verwateren met de rest van de provinciale taken door ze te laten fuseren met de provincies, wordt het er niet beter op. Gewoon alles bij het oude laten, hoe saai dat ook is.

  2. Abel Pleysier op

    Dag Hans,
    Naar mijn mening spelen er twee ontwikkelingen die hier een rol in spelen; De bestuurlijke nut en noodzaakdiscussie en ten tweede de functionele en operationele discussie.

    Er is inderdaad een tendens dat er wordt getwijfeld aan het nut en de noodzaak van de verschillende bestuurlagen. Dat wijzen de verschillende opkomsten bij verkiezingen ook wel uit. Feit is echter dat de getrapte verkiezingen van de eerste kamer niet zonder slag of stoot zullen worden opgeheven, met andere worden die zullen of rechstreeks moeten worden gekozen of de provincie blijft bestaan als bestuurslaag. Aanpassing van ons totale staatsbestel is niet realistisch denk ik.

    Functionele en operationele ontwikkelingen zijn er ook debet aan dat herijking noodzakelijk is. Opschaling van de waterschappen zal zeker moeten en gaan gebeuren, reallocatie van waterzuivering en riolering in waterbedrijven ook. Gemeenten gaan nu al outsourcen, bijvoorbeeld het innen van belasting, om kosten in de hand te kunnen houden. Kortom, in alle geledingen zal of is inmiddels een kernwaardendiscusie op gang gekomen.

    De enige manier waarop de bestuurlijke noodzaak van de verschillende lagen kan worden aangetoond is die door de operationele realisatie van hun doelen.
    Den Haag en de Gemeenten slagen daar nog redelijk in, de rest niet ben ik bang. Door het nog ontbreken van een regievoerder voor de uitvoering van dit vraagstuk zal het inderdaad nog wel even duren voordat er vooruitgang wordt geboekt.

    Als water leidend is in Nederland voor van alles en nog wat dan deel het land maar op in de waterstroomgebieden aangevuld met ??n Randstadprovincie.

  3. Hans Schouffoer op

    Waarom iets veranderen dat goed functioneert ?Het lijkt mij dat de waterschappen laten zien dat ze adequaat georganiseerd zijn en berekend op hun taak. De nieuwe uitdaging is om de samenwerking in de afvalwaterketen te verbreiden in gebieden waar de samenwerking tussen rioolbeheerder en afvalwaterverwerker nog achterblijft. De schaalvergroting van waterschappen de afgelopen 10 jaar heeft enorm geholpen bij de ontwikkeling van kennis en het in eigen huis houden daarvan, die ervaring gun ik ook aan de kleinere gemeenten die m.i. afhankelijker zijn van externe adviseurs dan ze zelf willen!

  4. Hans Olsthoorn op

    Het proces van schaalvergroting bij gemeenten en waterschappen moet gewoon doorgaan zoals nu gebeurt. Van onderaf dus en niet van bovenaf opgelegd. In mijn opdracht bij provincie Zuid-Holland heb ik ervaren dat er beslist noodzaak is voor een regierol van de provincie. Het integrale denken in grote verbanden tussen ruimte, water, natuur, mobiliteit is daar veel verder dan bij gemeenten en waterschappen. Zo leren tenminste mijn ervaringen. Daarom kan ik mij wel vinden in de keuze van dit kabinet om geen fundamentele wijzigingen aan te brengen in de bestuurlijke organisatie in Nederland.

  5. Hans Middendorp op

    “Don’t fix anything that is not broken”. Mijn inschatting is dat als de coalitie+gedoogpartner een meerderheid in de 1e Kamer krijgen, er nog rare dingen kunnen gebeuren met bijv. de waterschappen. Het regeerakkoord en staatssecretaris Atsma zijn heel concreet over het schrappen van een direct kiezersmandaat. Dus “houden zoals het is” is in mijn beleving een struisvogelstrategie.

    De co?rdinerende rol van provincies in de ruimtelijke ordening wil ik juist nadrukkelijk beleggen in een “water-provincie”, maar dan wel een provincie die kleiner is dan de huidige provincies. Om de discussie nog verder te compliceren, er liggen ook nog voorstellen om provincies te fuseren tot landsdelen, dwz dat provincies juist groter worden ipv kleiner. En ik vind gewoon principieel dat verkiezingen voor Provinciale Staten moeten worden losgekoppeld van de verkiezingen voor de 1e Kamer. Daarom mijn pleidooi voor een ‘water-provincie’ op regionale schaal, met een eigen kiezersmandaat.
    .

  6. Dit zijn discussies in de aanloop naar de verkiezingen, maar van de provincie krijg ik slechts glimmende foldertjes. Overigens is het indirecte kiezen voor de Eerste Kamer mij al jaren een doorn in het oog.

  7. Hans, je zet hier echt een goede visie neer ! Complimenten daarvoor. Had nog een vraag en dat is: Waarom kunnen water-provincies en opgeschaalde regiogemeenten eigenlijk niet sneller in elkaar opgaan? Ben benieuwd naar je ideeen voor een integratieversnelling !

  8. Bert Grooten op

    Discussies over de bestuurlijke indeling van ons land zijn al van alle tijden. Probleem is echter dat het bestuurlijke establiment er alles aan gelegen is om welke verandering dan ook, tegen te houden. Vergelijking met de Waterschappen lijkt mij echter niet juist.
    Waterschappen zijn in feite doelcorporaties, gemeenten zeker niet. Probleem is echter dat het houden om te houden nog vele aanhangers kent. Het zou goed zijn, indien er een maatschappelijke discussie gevoerd zou worden, uitgaande van punt 0 teneinde te komen tot een efficienter en democratier bestuur. Hoe groot de bestuurs-eenheden? Daar zal over gesproken moeten worden.
    Hoe democraties? Wel ook dat moet nader onderzocht worden, maar voor mij is het een must dat alle funkties door middel van verkiezingen moeten worden ingevuld.
    U begrijpt dat dit onderwerp nog vele elementen bevat welke nader bezien dienen te worden. Dit Is maar een begin

Reageer