OpinieHet nut van een digitaal knooppunt

1

‘Communiceren is zo dicht mogelijk langs elkaar heen praten!’.

– column – Esther Hengeveld

‘Communiceren is zo dicht mogelijk langs elkaar heen praten!’. Die slogan heb ik eens op T-shirts laten drukken toen ik als HR-manager bij een IT-bedrijf kwam werken. Dat werd me niet overal in dank afgenomen. In die dagen wentelde ik me nog in onschuld. Inmiddels weet ik dat communiceren niet meevalt en weet ik ook dat er nog een paar dingen bij horen: zo mag je fouten maken, is kwetsbaarheid een kracht, enzovoorts.

Sinds april ben ik als accountmanager bezig om gemeenten te ondersteunen bij de implementatie van de informatiekundige kant van de decentralisaties en de aansluiting op CORV (Collectieve Opdracht Routeervoorziening). CORV is ontzettend nuttig en nodig. ‘Nuttig en nodig om via een digitaal knooppunt een uniforme berichtenuitwisseling mogelijk te maken tussen het gemeentelijk en justitieel domein in het kader van het nieuwe jeugdstelsel (jeugdbescherming en jeugdreclassering)’.

Kwetsbaar kind

Wanneer ik dergelijk volzinnen hoor, springt mij iedere keer het kwetsbare kind in het hoofd waar we dit uiteindelijk voor doen. Mijn eigen kind dat ondersteuning nodig had toen hij tien weken te vroeg geboren werd, het kind in de klas dat dyslectisch is of het kind dat een beroep doet op de Kindertelefoon. Voor deze kinderen is het nodig dat we professionals in staat stellen elkaar (nog) beter te vinden, het vertrouwen van de burger te hebben en te houden (die buurvrouw die het niet vertrouwt) en uiterst zorgvuldig met iedere melding om te gaan. Voorlopig stijgt in dit land het aantal gevallen van kindermishandeling nog steeds en dus ligt er een stevige verwachting vanuit de ministeries van VenJ en VWS naar gemeenten toe: de justitiële keten levert immers een bericht af, en hoe weet ik als gemeente nu wat daarmee te doen?

Deadline

Overigens hebben gemeenten geen keuze: per 1 januari 2015 moeten ze aangesloten zijn op CORV. Zoveel is helder. In dat kader worden door ministeries, VNG en KING in hoog tempo presentaties, workshops, een impactanalyse en factsheets opgeleverd. Door middel van een convenant hebben leveranciers zich bij die technische implementatie aangesloten. En om die implementatie te bespoedigen, worden er in samenwerking met leveranciers verschillende praktijktoetsen gehouden. Daarmee lijkt het een tamelijk overzichtelijke operatie te zijn. Maar wat doe je als gemeente als je via CORV nu écht een verzoek tot onderzoek krijgt? Hoe werk je als gemeente bijvoorbeeld samen met het AMHK (Adviespunt en Meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling)? Hoe stimuleer je professionals in het jeugddomein samen te laten werken?

Ondersteuning

Gemeenten staan er niet alleen voor. Bij de implementatie worden ze ondersteund door  VISD/CORV. Dat klinkt ver-van-mijn-bed, maar de meeste werkers rondom de decentralisaties hebben ook kinderen. Zij zullen dan ook de stroperigheid herkennen naar aanleiding van de aanvraag van een ‘rugzakje’, balen van het etiket dat een druk kind wordt opgeplakt of zien dat ons neefje wat tam kan zijn door de pillen die hij elke dag moet innemen. Als het gaat om de ondersteuning zijn we vanuit VISD/CORV inmiddels in afwachting van de uitkomsten van de praktijktoetsen die gemeenten in samenwerking met leveranciers houden. Verder zijn we landelijk circa 35 gemeenten aan het stimuleren om zich aan te laten sluiten op CORV en komen stilaan ook de handleidingen en de websites tot volle wasdom.

Gemeenten hoef ik niet (meer) te overtuigen van nut en noodzaak van CORV. Wat er gedaan moet worden is helder en door bijvoorbeeld het houden van die praktijktoetsen krijgen we ook steeds meer antwoorden. Als we dan ondertussen ook wat dichter langs elkaar heen blijven praten beloof ik plechtig geen T-shirts meer te laten drukken…


Over de auteur: Esther Hengeveld is accountmanager VISD/CORV (Zuid-Nederland)

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

1 reactie

Reageer