Gebruik van wet Bibob om coffeeshop te sluiten

0

Een coffeeshop is Vlissingen moest dicht, omdat de gemeente de vergunning had ingetrokken met de wet Bibob in handen.

Terecht, oordeelt de rechter. De eigenaar van de shop zou het telen van de softdrugs niet alleen voor zijn eigen winkel doen, maar ook vervoeren naar Engeland. Ook met de Belastingwet nam hij het jarenlang ook niet erg nauw.

De Wet bevordering integriteitsbeoordelingen (Bibob) geeft gemeenten een middel in handen om bij dit soort vermoedens geen vergunning meer te verlenen. Dit om te voorkomen dat hun goedkeuring wordt gebruikt om strafbare feiten te plegen.

Punt is wel dat het dan niet hoeft te gaan om onomstotelijk bewijs. Een beargumenteerd vermoeden van misstanden is voldoende om de vergunning in te trekken.

Beleidslijn

“In de Beleidslijn wet Bibob van de gemeente Vlissingen uit 2009 is onder meer vermeld dat bij bestaande vergunningen op het aandachtspunt coffeeshops tot een bibob-intake en screening zal worden overgegaan, indien naar het oordeel van het bestuursorgaan feiten of omstandigheden duiden op het bestaan van een ernstig gevaar als bedoeld in artikel 3 van de wet Bibob”, staat in de uitspraak.

De gemeenten staat ook zeer open voor tips. In het geval van de coffeeshop kwamen die van de hoofdofficier van justitie van het parket Middelburg. Die wist te vertellen dat de eigenaar al een paar keer veroordeeld is voor zijn hennepteelt.

Bureau Bibob

Op verzoek van de burgemeester van Vlissingen is vervolgens advies gevraagd aan het bureau Bibob. Dit bureau is tot de conclusie gekomen dat het risico op recidive groot is.

Volgens de rechter heeft de burgemeester een goede reden gehad om het advies te vragen en dit advies vervolgens voldoende gebruikt om het besluit de vergunning in te trekken. Dat de eigenaar van de shop werkt in een omgeving waar hij eerder in de fout ging, helpt hem ook niet mee.

“Gelet op de hoeveelheid strafbare feiten waarmee appellant in verband kan worden gebracht, alsmede op de aard en de ernst daarvan, bestaat geen grond voor het oordeel dat de rechtbank ten onrechte heeft geoordeeld dat de burgemeester in redelijkheid heeft kunnen besluiten tot intrekking van de exploitatievergunning”, concludeert de Raad van State.


Kennislink: De uitspraak in deze zaak >>
Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

Reageer