Regionaal transitiearrangement: miljoenentekort

2

In de regio Twente moeten ze wel heel efficiënt gaan werken. In 2015 dreigt een tekort op de Jeugdzorg van 23 miljoen euro.

Als het goed is krijgen gemeenten nog voor het eind van het jaar duidelijkheid over het budget voor de nieuwe, belangrijke taak. Ondertussen laten steeds meer lokale bestuurders weten dat het zo lastig is een plan voor de overheveling van de Jeugdzorg rond te krijgen. Aan het eind van deze maand moeten alle regionale transitiedocumenten evenwel binnen zijn.

De regio Twente was er relatief vroeg bij. Wat blijkt? Volgens de Meicirculaire krijgen de veertien gemeenten in de regio samen bijna 126 miljoen euro voor de taak, waarvan ruim 123 miljoen beschikbaar is voor zorg en ondersteuning. Toch blijkt op basis van de huidige zorgvraag dat er bijna 147 miljoen nodig is. “Er dreigt dus een tekort van circa 23,6 miljoen”, staat in het transitieplan (zie bijlage).

“De 14 gemeenten in Twente maken zich dan ook grote zorgen over de juistheid van de gegevens in de Meicirculaire 2013”, waarschuwen de gemeenten in het plan. “Bij het bepalen van het voorgenomen budget voor het realiseren van zorgcontinuïteit gaan de gemeenten daarom primair uit van het beschikbare budget en niet van het benodigde gecalculeerde budget. Gemeenten hebben daarbij het voornemen om voor het aanbod aan zorgcontinuïteitcliënten in 2015 90% van het prijspeil 2012 te hanteren.”

Onduidelijkheid
Er is nog wel meer onduidelijk. “De inschatting van instellingen is dat op 31 december 2014 circa 14.000 jeugdigen in zorg zijn,
waarvan zo’n 400 kinderen of jongeren op een wachtlijst staan. Het aantal jeugdigen dat op die datum van de Zvw-gefinancierde vrijgevestigden zorg ontvangt en/of dat een pgb-gefinancierd zorgtraject heeft is niet goed in te schatten.”

Ook zorgaanbieders vrezen een rommelige transitie vanwege de onduidelijkheden, is de conclusie. “Expliciet is aandacht gevraagd om bij het Rijk en de VNG eenduidigheid te vragen over het ‘woonplaatsbeginsel’. Doordat instellingen op een andere wijze dan in de gemeentelijke uitvraag registreren, zijn een aantal bestuurders van mening dat door een grondige analyse en matching, nog een slag gemaakt kan worden.” Dat vraagt volgens de bij de Jeugdzorg betrokken partijen wel om een doorlooptijd.

“Tegelijk dringt de tijd voor instellingen om duidelijkheid aan hun personeel te geven over de toekomst. Er is geïnformeerd naar een onafhankelijke externe beoordeling; KPMG zal dit verzorgen. Gemeenten hebben hier in de onderbouwing naar bestuurders en gemeenteraden ook behoefte aan.”

Draagvlak
Het meest positief is het plan over de bereidheid van verschillende partijen om van de transitie een succes te maken. Er is voldoende draagvlak; nu nog meer duidelijkheid van het Rijk.

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

2 reacties

  1. Gezien het probleemoplossend vermogen in gemeentes?die schittert door afwezigheid?maken vele beleidsmedewerkers, lokale politici en zelfs vele cliënten zich nu al grote zorgen!!!!

  2. G.W.M. van Vugt (Public Consultancy) op

    De eerste Transitiearrangementen Jeugdzorg worden openbaar. Algemeen probleem dat gemeenten te kampen hebben met grote onduidelijkheid over het budget in 2015. Staatssecretaris van Rijn heeft beloofd dat die financiële duidelijkheid er in december zal zijn, maar ook hij heeft te maken met niet actuele zorgconsumptiecijfers. Tot eind volgend jaar voorspel ik onzekerheid op dit gebied, helaas.
    Het beste dat gemeenten daarom kunnen doen is zéér terughoudend zijn met het garanderen van zorgafname aan de instellingen, per 2015. Dat is minder leuk voor de instellingen, maar om budgettaire redenen wel noodzakelijk. Dit verhoogt overigens de druk op alle partijen om de frictiekosten van de instellingen te voorkomen, bijv. door soepele overgang van personeel.
    Bovendien is het de bedoeling dat door de nieuwe aanpak er minder dure, specialistische jeugdzorg nodig is doordat adequate preventie en lichte hulp, ambulant en dicht bij huis de dure zorg gaat voorkomen. Dus de afname van zorg en daarmee ook kosten zal vooral in de gespecialiseerde zorg zitten. In de provincie Utrecht lukt dat al en is afgelopen jaar 15% minder dure, residentiele jeugdzorg nodig gebleken. Maar dat vergt dan wel investeringen in de 0e en 1e lijn.
    Kortom, gemeenten doen er goed aan zich niet blind te staren op marktposities van gevestigde instellingen, maar de blik gericht houden op de doelstellingen van de transformatie: eerdere en betere hulp dicht bij huis, ontzorgen/demedicaliseren en integrale aanpak.

Reageer