Vier uitgangspunten voor experimenten Jeugdzorg

0

Hoe loop je voor op de stelselwijziging van de Jeugdzorg? “Het is mogelijk dat gemeenten een grote mate van inspraak krijgen in welke zorg een provincie inkoopt.”

Er is ruimte om te experimenteren. Een factsheet van het transitiebureau jeugd moet aan de hand van de uitgangspunten van het ministerie van Volksgezondheid aangeven wat de mogelijkheden zijn voor gemeenten die goed beslagen ten ijs willen komen. Het gaat om de volgende uitgangspunten:

  1. Ruimte voor nieuwe werkwijzen vooruitlopend op de stelselwijziging moet worden gevonden binnen het huidige wettelijk kader van de Wet op de Jeugdzorg;
  2. Experimenten zijn alleen zinvol als zij voldoen aan de vereisten die straks bij of krachtens de Jeugdwet daaraan gesteld zullen worden. Daarop wil je immers vooruitlopen;
  3. In overeenstemming met het Afsprakenkader Jeugdzorg kan, in afwijking van het eerste punt, enkelvoudige ambulante Jeugdzorg zonder indicatiebesluit van bureau Jeugdzorg geleverd worden en bestaat de ‘flexibele schuif’ waardoor het mogelijk is om middelen uit de doeluitkering jeugd over te hevelen naar gemeenten;
  4. In de Transitie-agenda is opgenomen dat er ruimte is voor voorlopers. Ook is opgenomen dat de Inspectie Jeugdzorg een rol heeft bij het toezicht tijdens de transitie om de continuïteit en kwaliteit van zorg te borgen. Voorlopers dienen de Inspectie Jeugdzorg daarom te informeren over hun nieuwe werkwijzen.

Er is ruimte op vijf specifieke onderdelen:

1) Lichtere invulling indicatiebesluit
De indicatiestelling door bureau Jeugdzorg blijft vooralsnog de procedure. “Hierbij kan wel gezocht worden naar een lichtere invulling”, stelt het transitiebureau. Dit in overleg met de provincie, natuurlijk.
2) Mandatering van de besluitvorming op welke zorg iemand is aangewezen
“Naast een lichtere invulling van het indicatiebesluit kan ook ruimte gezocht worden in de persoon of instelling die het indicatiebesluit neemt. Dit kan bijvoorbeeld doordat bureau Jeugdzorg deze taak mandateert aan (een ambtenaar van) de gemeente of centrum voor jeugd en gezin.
3) Enkelvoudige ambulante Jeugdzorg
In overeenstemming met het Afsprakenkader Jeugdzorg kan enkelvoudige ambulante Jeugdzorg zonder indicatiebesluit worden toegekend. Dit betekent dat de gemeente, met tussenkomst van bureau Jeugdzorg, mag toekennen of een cliënt enkelvoudige ambulante Jeugdzorg nodig heeft.
4) Casemanagement
Wanneer in het projectplan door provincies en gemeente duidelijk gemaakt kan worden dat de casemanagementtaak in de eerste lijn minstens zo goed of beter kan worden ingevuld dan nu door bureau Jeugdzorg gebeurt, kan de casemanagementtaak ook bij gemeenten worden belegd. Bureau Jeugdzorg blijft evenwel verantwoordelijk.
5) Beleidsinformatie
“De aanlevering van beleidsinformatie van provincie aan het Rijk volgens het Landelijk Rapportageformat is een wettelijke eis waaraan uitvoering gegeven moet blijven worden tijdens de transitie.” Wel is hier volgens de factsheet ruimte voor experimenten.

Financiering
Ook op het gebied van de financiering is er ruimte:

  • Flexibele schuif

Met de ‘flexibele schuif’ kunnen middelen vanuit de provinciale doeluitkering jeugd worden overgeheveld naar gemeenten middels de decentralisatie-uitkering. De flexibele schuif maakt het mogelijk om gemeenten te compenseren voor preventietaken, waaronder ook licht ambulant zorgaanbod, die zij nu uitvoeren op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning.

  • Zorginkoop

De provincie kan aan gemeenten over een bepaald gedeelte van de provinciale doeluitkering een beslissende stem geven over de aanwending van deze middelen voor de inkoop van geïndiceerd Jeugdzorgaanbod. Dit zorgaanbod moet dan wel betrokken worden bij door de provincie gesubsidieerde Jeugdzorgaanbieders die onder het toezicht van de inspectie Jeugdzorg vallen.

De factsheet is hier te vinden >>

Casus: Stadsregio Amsterdam

Een voorbeeld uit de Stadsregio Amsterdam. “In de stadsregio Amsterdam wordt met een variant gewerkt waarbij taken worden overgeheveld naar gemeenten, waarbij de stadsregio verantwoordelijk blijft voor het budgettair opdrachtgeverschap.” Iedere gemeenten binnen de regio heeft haar eigen ruimte voor dit opdrachtgeverschap.

“De gemeente wordt zowel inhoudelijk als financieel verantwoordelijk. De gemeente kan een deel van de doeluitkering van de stadsregio besteden. Dit wordt vormgegeven door het gemeentelijk plan integraal onderdeel uit te laten maken van het uitvoeringsplan van de stadsregio. Langs die weg wordt er aan de wettelijke vereisten voor aanvraag en verantwoording van de doeluitkering voldaan.”

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

Reageer