Kamerleden Dijk en Dobbe (SP) hebben Kamervragen gesteld over het persbericht van 4 juni 2026. Daarin staat dat in kwetsbare wijken een grotere kans bestaat op babysterfte en complicaties bij zwangerschappen. Minister Hermans van VWS zegt in een schriftelijke reactie dat ‘de gezondheidsverschillen niet alleen pijnlijk zijn voor de betrokken gezinnen, maar ook onwenselijk in een land als Nederland’.
De gezondheidsverschillen zijn naar voren gekomen uit een onderzoek van Erasmus MC en de TU Delft. De onderzoekers hebben gekeken naar de wijze waarop de leefomgeving invloed heeft op de gezondheid en ontwikkeling van kinderen in de eerste duizend dagen van hun leven. Daarbij is volgens Hermans specifiek gekeken naar de geboorte-uitkomsten in de 20 stedelijke focusgebieden die vallen onder het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV).
Duidelijk slechter
In een reactie op de vraag wat VWS vindt van de hogere babysterfte en de grotere kans op zwangerschapscomplicaties in kwetsbare wijken antwoordt de minister: ‘Uit bovenstaand onderzoek blijkt dat de geboorte-uitkomsten in deze wijken duidelijk slechter zijn dan in andere wijken in Nederland. Baby’s overleden in deze wijken ongeveer 13% vaker rond de geboorte, werden 18% vaker te klein geboren en kwamen 9% vaker te vroeg ter wereld.’
In sommige wijken kwamen volgens Hermans sterfte en een te laag geboortegewicht zelfs meer dan twee keer zo vaak voor. Het kabinet vindt deze uitkomsten zorgelijk. Ze laten zien dat het belangrijk is om te investeren in een gerichte en domeinoverstijgende aanpak van gezondheidsachterstanden in de 20 NPLV-focusgebieden. Want er speelt veel meer dan alleen een slechter dan gemiddeld gezondheidsperspectief. Ook de omstandigheden waarin mensen wonen, werken en opgroeien hebben invloed op de gezondheid. Niet alleen op (aanstaande) ouders, maar ook ook op de gezondheid van hun kinderen.
Nog geen kansrijke start voor ieder kind
Dijk en Dobbe vroegen de minister ook of ze ermee instemde dat ‘deze enorme gezondheidsachterstanden onacceptabel zijn’. Zij erkent dat goede geboorte-uitkomsten van groot belang zijn voor iemands verdere gezondheid. Kinderen die te vroeg worden geboren of een laag geboortegewicht hebben, lopen immers een grotere kans op gezondheidsproblemen op latere leeftijd.
Hermans: ‘Een gezonde start in het leven vormt een cruciale basis voor de rest van het leven. Het kabinet vindt daarom dat ieder kind een kansrijke start verdient. Dit onderzoek laat zien dat dit nog niet het geval is. De verschillen uit dit onderzoek zijn niet alleen pijnlijk voor de betrokken gezinnen, maar ook onwenselijk in een land als Nederland. Het kabinet vindt het dan ook van groot belang om hierop in te zetten.’
Extra geld beschikbaar
Om de hoge babysterfte en de andere gemeten achterstanden in de NPLV-wijken tegen te gaan investeert het kabinet al in de aanpak Kansrijke Start voor gezinnen in een kwetsbare situatie. Zo kunnen gezinnen die het moeilijk hebben betere zorg en ondersteuning krijgen. In het Coalitieakkoord ‘Aan de slag’ zijn middelen gereserveerd voor de uitbreiding van deze aanpak, boven op de structurele middelen die al beschikbaar zijn. Momenteel wordt de investering in de Kansrijke Start aanpak verder uitgewerkt.
Daarnaast zet het kabinet breder in op het terugdringen van gezondheidsachterstanden. ‘De domeinoverstijgende aanpak van het NPLV met interventies op het terrein van huisvesting, werken, leren en veiligheid moet bijdragen aan het verbeteren van de leefbaarheid en het tegengaan van de gezondheidsachterstanden in de 20 focusgebieden, aldus Hermans. In het coalitieakkoord heeft het kabinet aangekondigd het NPLV door te zetten en heeft daarvoor tot 2035 rijksmiddelen gereserveerd.
Bredere aanpak
De aanpak van energiearmoede en inzet op verduurzaming, fungeren volgens het Kabinet als vliegwiel voor verbetering van de gezondheid. Huishoudens die vanwege hoge energielasten hun woning onvoldoende kunnen verwarmen, lopen een groter risico op vocht- en schimmelproblemen. Wanneer vocht en schimmel in slecht geïsoleerde huizen wordt aangepakt, verbetert het leefklimaat binnen en daalt het risico op gezondheidsproblemen zoals longklachten. Hermans: ‘Door te investeren in verduurzaming van de woningvoorraad wordt het energieverbruik – en daarmee de energierekening – van huishoudens beter beheersbaar’.
Het gaat echter niet alleen om fysieke isolatiemaatregelen, maar ook om het intensiveren van de lokale aanpak met energiefixers en -coaches. In 2026 is hiervoor 55 miljoen euro extra beschikbaar gesteld aan gemeenten, waarvan 15 miljoen euro de komende jaren naar de 20 NPLV-wijken moet gaan.
Kraamzorg onder druk
Minister Hermans erkent dat de toegankelijkheid van de kraamzorg in Nederland onder druk staat en dat het tekort aan kraamzorg extra risicovol is en een grotere impact heeft op gezinnen in de kwetsbare wijken. ‘Kraamzorg vormt een belangrijke schakel tussen de thuissituatie en het sociaal en medisch domein, waarbij het zowel een signalerende functie heeft als belangrijke ondersteuning biedt aan nieuwe gezinnen. Dit is extra belangrijk wanneer sprake is van een kwetsbare situatie’.
Samen met het veld werkt het kabinet aan toekomstbestendige en passende kraamzorg via de zogenoemde versnellingsagenda. Het kabinet zet in op een snellere implementatie van de Kraamzorg Landelijke Indicatie Methodiek, beter inzicht in de daadwerkelijke zorgbehoefte en op drempels waar kraamgezinnen tegenaan lopen. Ook wordt ingezet op verbetering van de instroom van personeel in de sector. ‘Het doel is dat de beschikbare capaciteit zo wordt ingezet dat kraamzorg beschikbaar blijft voor gezinnen die deze zorg het hardst nodig hebben.’

Geef een reactie