Zelf gekozen of vanwege kiezersvoorkeur nemen deze week honderden raadsleden afscheid van hun raad. Wat hebben ze enorm hun best gedaan de afgelopen jaren. En nu? Ik denk aan mijn eigen afscheid en leef deze week een beetje met ze mee.
Er zijn van die momenten in het leven waarvan je denkt, als het zover is, zal ik het groots en meeslepend beleven. Mijn afstuderen. Mijn eerste baan. Mijn trouwdag. De geboorte van mijn kinderen. Het afscheid als raadslid. Over dat laatste had ik me, eerlijk gezegd, vooral een waardige opluchting voorgesteld. Een feestelijk vaarwel. Bloemen. Een schilderij dat ik voor altijd aan de muur zou hangen. Lieve woorden. Een warme omhelzing. Hier en daar een knipoog van betekenis. En daarna: rust.
Die rust was er inderdaad. Te veel rust. Jarenlang was mijn week overzichtelijk chaotisch. Een informatieavond hier, een fractievergadering daar, commissies en raadsvergaderingen, werkbezoeken en dan tussendoor nog even 487 pagina’s over een herinrichting, een grondexploitatie of een participatietraject dat al drie wethouders had overleefd. Mijn agenda was geen agenda meer, maar een jongleeract.
Welkom in het zwarte gat
En plots zat ik zomaar om kwart over acht op de bank. Zonder tas. Zonder stukken. Zonder het vage schuldgevoel dat ik eigenlijk nóg iets had moeten doen. De eerste week voelde het nog als reces. De tweede week was onwennig. De derde week begon ik me af te vragen of ik misschien toch ergens verwacht werd. Ik betrapte mezelf erop dat ik op mijn telefoon keek, alsof er elk moment een appje kon binnenkomen met: “Waar blijf je? We behandelen nu het amendement over de hondenlosloopzone.” Het appje kwam niet.
Niemand mist je zo acuut als je had gehoopt. Maar wat jij namelijk niet kwijtraakt op het moment dat je afscheid neemt, is je hoofd. Dat zit nog stampvol. Met dossiers, afwegingen, historische context, bestuurlijke gevoeligheden, namen, gezichten, bijlagen, geheime stukken, vertrouwelijke gesprekken en die ene kaartbijlage waar uiteindelijk alles om draaide. Je hebt jarenlang een gemeentelijk universum in jezelf opgebouwd en ineens moet je daar heel stil mee in de woonkamer gaan zitten. Een deel van wat je weet, kun je zelfs met niemand delen. Omdat geheimhouding ook na je afscheid gewoon geheimhouding blijft. Dus terwijl anderen denken dat je eindelijk vrij bent, loop jij rond met een hoofd vol informatie die nergens heen kan. Je bent een wandelende kluis, maar niemand wil je meer kraken.
Beschikbaar voor het geval dat
Op verjaardagen vragen je vrienden: “Enne, wat doe je nu je gestopt bent?” Je mompelt iets over rust. Over eindelijk wat meer tijd. Ik had natuurlijk een nobel plan. Ik zou mijn kennis overdragen. Mijn opvolgers een beetje op weg helpen. Niet ongevraagd. Wel beschikbaar. Bel me gerust, app gerust. Ik vertel met liefde waarom dossier X nooit alleen over X gaat, maar altijd ook over Y, Z en een motie uit de vorige eeuw. In mijn verbeelding zouden nieuwe collega’s dankbaar gebruikmaken van dat aanbod.
In werkelijkheid zijn nieuwe raadsleden vooral: nieuw. En druk. Druk met inlezen, haasten, overleven, hun mailbox temmen, de eerste vergaderingen doorkomen en onthouden wie ook alweer wie is en hoe alles werkt. Het effect is wel dat je daar zit, gereed om te coachen, te duiden, te behoeden voor bekende valkuilen, terwijl niemand tijd heeft om behoed te worden. Je blijft beschikbaar voor het geval dat.
Wat moet een oud-raadslid met al die avonden? Lezen, zeggen mensen. Sporten. Vaker uit eten met vrienden. Naar de film. Prima ideeën, maar geen van die dingen geeft dezelfde merkwaardige voldoening als lang na middernacht thuiskomen na een debat dat uit de hand liep over een onderwerp dat voor buitenstaanders totaal onbegrijpelijk saai klinkt, maar waarvan jij weet dat het ertoe deed.
Het zwarte gat is niet eens de leegte van de agenda. Het is het gemis aan betekenisvolle bemoeienis. Het gevoel dat je ergens intensief voor hebt geleefd en dat dat leven ineens zonder jou verdergaat. Alsof dat heel normaal is. En dat is het natuurlijk ook. Maar toch leef ik deze week een beetje met ze mee.
Pascale Georgopoulou is oud-raadslid, oud-griffier en zelfstandig adviseur binnen de publieke zaak op het gebied van de Omgevingswet, participatie en de energietransitie.



Geef een reactie