Gemeenten verhalen de kosten die zij maken voor publieke voorzieningen bij nieuwbouwprojecten lang niet altijd volledig op projectontwikkelaars. Bovendien hebben veel gemeenten onvoldoende zicht op welk deel van die kosten zij daadwerkelijk terugkrijgen.
Dat blijkt uit onderzoek van adviesbureau Stec Groep en de Radboud Universiteit, waarover het FD bericht.
Bij de ontwikkeling van nieuwe woonwijken maken gemeenten kosten voor bijvoorbeeld riolering, wegen, fietspaden, groenvoorzieningen en andere publieke voorzieningen. Een deel van die kosten kan of moet via het zogenoemde kostenverhaal bij ontwikkelende partijen terechtkomen.
Onvoldoende zicht op kosten
Uit het onderzoek onder 101 gemeenten blijkt echter dat veel gemeenten onvoldoende zicht hebben op de opbrengsten daarvan. Zo heeft 60 procent geen inzicht in welk percentage van de gemaakte kosten daadwerkelijk wordt verhaald. Ook worden niet bij alle nieuwbouwprojecten alle daarvoor in aanmerking komende kosten doorberekend.
Dat kan ertoe leiden dat kosten die samenhangen met een gebiedsontwikkeling uiteindelijk voor rekening van de gemeente en daarmee de publieke middelen komen.
De onderzoekers adviseren gemeenten daarom om expliciet beleid voor kostenverhaal op te stellen. Gemeenten die daar al beleid voor hebben, verhalen volgens het onderzoek structureel meer geld per woning en bereiken een hogere dekkingsgraad.
Het onderzoek van Stec Groep en de Radboud Universiteit laat bovendien zien dat het kostenverhaal per woning is afgenomen ten opzichte van een eerdere meting. Ongeveer 60 procent van de onderzochte gemeenten verhaalt tussen de 1.000 en 5.000 euro per woning. Volgens de onderzoekers betekent een lager bedrag overigens niet automatisch dat een gemeente te weinig kosten verhaalt: welke kosten kunnen worden verhaald, verschilt per project en gemeente.



Geef een reactie