De vrijheid van godsdienst is in Nederland goed gewaarborgd. Minister Rijkaart ziet geen reden om extra stappen te ondernemen om ’te waarborgen dat kerkdiensten en andere religieuze bijeenkomsten niet onnodig of lichtvaardig worden beperkt door het lokaal bestuur of politieoptreden’.
Dit antwoordt minister Rijkaart op Kamervragen over het beëindigen van een kerkdienst en de arrestatie van voorganger Tom de Wal in Tilburg
Het is aan een gemeente en niet aan de minister om in een concreet geval te bepalen of een bijeenkomst binnen een gebouw als te vergunnen evenement moet worden beschouwd of het karakter heeft van een eredienst. De minister geeft dan ook geen oordeel over de situatie in Tilburg. In Tilburg is volgens een raadsinformatiebrief gehandeld op basis van de evenementenregeling in de APV, waarbij de burgemeester de bijeenkomst als onvergund evenement heeft aangemerkt.
Binnen gebouwen of besloten ruimten geldt de vrijheid van godsdienst uit artikel 6 Grondwet; beperkingen zijn alleen mogelijk op basis van een wet in formele zin, bijvoorbeeld het Wetboek van Strafrecht. De Algemene wet op het binnentreden bepaalt dat de politie tijdens godsdienstoefeningen alleen bij heterdaad of met toestemming een ruimte bestemd voor erediensten mag binnengaan. Kerken moeten wel voldoen aan algemeen geldende regels zoals brandveiligheid en omgevingsplanvoorschriften, mits die niet specifiek zijn gericht op het beperken van godsdienstvrijheid.
Buiten gebouwen geldt de Wet openbare manifestaties (Wom), die gemeenten bevoegdheden geeft om religieuze manifestaties en betogingen te reguleren ter bescherming van gezondheid, verkeer en ter voorkoming van wanordelijkheden. De inhoudelijke religieuze boodschap mag nooit reden zijn voor ingrijpen. In uiterste gevallen kan een buitenbijeenkomst worden beëindigd als aan de wettelijke gronden is voldaan.
Reguliere kerkdiensten
De minister onderstreept dat reguliere kerkdiensten in gebouwen niet als evenement onder gemeentelijke vergunningstelsels mogen worden gebracht; beperkingen van godsdienstvrijheid kunnen alleen bij wet in formele zin worden gesteld. Het is aan gemeenten om in concrete gevallen te bepalen of sprake is van een eredienst of een vergunningplichtig evenement, maar de overheid moet daarbij terughoudend zijn met het ontzeggen van grondrechtelijke bescherming. Bij omgevingsplannen geldt dat functies en gebruiksregels moeten worden gemotiveerd vanuit een evenwichtige toedeling van functies (bijvoorbeeld vanwege toestroom of geluid); het religieuze karakter op zichzelf mag geen uitsluitingsgrond zijn.
Terughoudendheid
De minister onderschrijft dat bij religieuze bijeenkomsten bijzondere terughoudendheid geboden is: ingrijpen moet noodzakelijk, proportioneel en subsidiair zijn, en binnentreden tijdens diensten kent een hoge drempel. Of dat in Tilburg juist is toegepast, is aan de lokale organen en zo nodig de rechter. Hij ziet geen aanleiding voor extra landelijke stappen, omdat het normenkader voor godsdienstvrijheid stevig is en correctiemechanismen via lokale democratie en rechter beschikbaar zijn.
Wel wijst de minister gemeenten op de bestaande handreiking “Tweeluik religie en publiek domein” van BZK en VNG, met handvatten over de scheiding van kerk en staat en omgang met religie in het publieke domein.

Geef een reactie