OpinieVan wijk tot wereld, de kracht van de wijkagent

0

De kracht van de de wijkagent. Deze politiemensen zorgen ervoor dat de maatschappij niet uit elkaar valt. Dat is de kracht van de wijkagent. Een voorpublicatie uit het boek van Bennie Beuvink

Op vrijdag 16 januari 2015 werd in Ossendrecht de achtste Vakdag Veiligheid & Handhaving van de Nationale Politie en Politieacademie gehouden. Wij waren daar uitgenodigd om iets te vertellen over het project de Overdinkel Generator en de Enschedese prachtwijk Velve-Lindenhof.

Wijkagent in het Losserse Overdinkel Pim en jeugdagent Hennie hebben destijds samen een project gedraaid genaamd de Overdinkel Generator, een kansgerichte buurtaanpak op basis van bewonersambities. De generator is de metafoor voor het verder brengen van mensen, individueel en in gemeenschap[1]. Met een team professionals hebben Pim en Hennie drie jaar lang met elkaar in een buurt in Overdinkel de overlast en criminaliteit aangepakt en veiligheid en leefbaarheid teruggebracht.

Het project werd in 2012 genomineerd voor de Hein Roethofprijs. De wijkaanpak in de Velve heeft ook het nieuws gehaald vanwege de burgerparticipatie en dat hadden we gemeen. Dus besloten we onze collega’s hierin mee te nemen.

Toen we heel vroeg uit Twente wegreden, was de wereld nog in verwarring over wat er in Parijs en Verviers was gebeurd. Hoe kun je je als samenleving wapenen tegen mensen die hier zijn opgegroeid, zich aansluiten bij een gewapende strijd en na terugkeer bereid zijn politiemensen of cartoonisten standrechtelijk te executeren? In België koos men ervoor om het leger te laten patrouilleren. In Nederland ging de discussie over of men de politie moest voorzien van zwaardere wapens.

Onze politiebonden wilden meer training en wij waren op weg om collega’s iets te vertellen over de aanpak van een buurtprobleem in de wijk Overdinkel. Het is een rare tijd. Toch hadden wij het gevoel dat de lessen die wij geleerd hadden in Overdinkel en de Velve weleens konden meehelpen om tot het besef te komen wat er lokaal nodig is om sociale cohesie te kweken. Het gaat om een persoonlijke aanpak in concrete situaties. In de samenwerking die na het project ontstond, ging het nooit over katholieken en moslims maar over rotzooi en hoe je die het best kunt opruimen. Het ging over de kracht van een wijk en wat de bewoners voor elkaar overhebben.

In het politiebusje waren we het gelukkig met elkaar eens dat we lokaal door onze aanwezigheid de burgers het gevoel konden geven dat het gewone politiewerk doorgaat.

Ik heb zelf dan wel een kogelwerend vest bij de hand, maar ik zie me nog niet lopen met een mitrailleur. ‘Waar laat je zo’n ding op de fiets’, denk ik dan. Of bij de mensen thuis. Onder de kapstok of tussen je benen tijdens het gesprek?

De dag ervoor had een collega afscheid genomen; dus ook daarover hebben we onderweg gesproken. Want eerlijk is eerlijk, de collega’s in de bus gingen ook richting de veertig dienstjaren. Het vuur om het werk goed te doen is echter nooit gedoofd. Dus we zouden Twente die dag goed vertegenwoordigen en hadden met elkaar een plan gemaakt hoe we dat gingen doen. Toch is het altijd zo dat de zaal het verhaal maakt, dus het was afwachten wie zich voor onze workshop had ingeschreven.

Het werd inmiddels licht en we kwamen in de buurt van onze bestemming. Gelukkig waren er geen files, dus tegen halftien kwamen we bij de poort waar we overal politiemensen met mitrailleurs zagen. Was dit een oefening naar aanleiding van de gebeurtenissen in België? De rode dopjes op de loop van de mitrailleurs waren namelijk duidelijk zichtbaar. Er zijn op zo’n dag wel ongeveer vierhonderd politiemensen bij elkaar, een mooi doelwit. Gelukkig was het inderdaad een oefening. De agenten zagen er indrukwekkend en professioneel uit.

‘Dus als we ze nodig hebben dan staan ze er’, denken we. We gingen naar binnen om in te tekenen en overal kom je natuurlijk bekende gezichten tegen. Daarna liepen we richting een sporthal waar het een drukte van belang was.

De vakdag wordt elk jaar perfect georganiseerd en je blijft op de hoogte van de laatste ontwikkelingen. In de sporthal waren allemaal standjes waar ik heb kennisgemaakt met verschillende mensen en veel actueel materiaal heb meegenomen. Vooral de stand van het CCV heeft veel praktische handleidingen die goed aansluiten op de praktijk. Ik maak daar veel collega’s blij mee, dus ik heb het nodige foldermateriaal meegenomen. Ik zag Peter van Os met kop en schouders boven de mensen uitsteken. Dit ook vanwege zijn lengte. Hij was in gesprek met Otto Adang. Met Otto ben ik op pad geweest in Haarlem voor een peer review. Oftewel een collegiale toetsing (uit het Engels: peer review) is een methode om de kwaliteit van werk te verbeteren door het werk te onderwerpen aan de kritische blik van een aantal gelijken (Engels: peers), meestal vakgenoten of collega’s van de auteur. Hij weet wat er nodig is om grote onrust in wijken te voorkomen. Wij zouden in de eerste ronde naar zijn workshop gaan; ik was benieuwd naar zijn verhaal. Ik heb hem toch even kort een hand gegeven, het blijft goed om elkaar opnieuw te zien en te ontmoeten. Hierna gingen we aan de koffie en het allerbelangrijkst: met elkaar in gesprek.

Uit de openingstoespraak bleek dat een groot aantal Belgische collega’s, die vaste gast van onze bijeenkomsten zijn, voor een groot deel thuis aan het werk waren naar aanleiding van de gebeurtenissen in Verviers. Ook hier drong de werkelijkheid binnen: de wijk en de wereld zijn dichter bij elkaar gekomen. Hier moeten we met elkaar zoeken naar duurzame oplossingen en praten over de recente onregelmatigheden die plaatsvonden in Culemborg, de Haagse Schilderswijk en de rellen in het Amerikaanse Ferguson. Een collega uit Amerika zou de dag afsluiten met een lezing over die gebeurtenissen.

Na de toespraken was het tijd om aan de slag te gaan. Wij gingen naar de workshop van Otto Adang. Hij liet beelden zien van de rellen in Ferguson en lichtte de achtergronden toe. Daarna ontstond er een discussie over de huidige situatie in Frankrijk waar ook eens rellen waren in de voorsteden. Hierna een korte samenvatting van wat Otto stelt.

De onderzoekers concluderen dat escalatie van rellen zoals in Culemborg en Oosterwei wordt voorkomen door een politieaanpak die zich kenmerkt ‘door een balans tussen preventie en repressie’.
De Nederlandse politie investeert veel in contacten met buurtbewoners en welzijnsorganisaties in een wijk. Dat is belangrijk gebleken om rellen in de kiem te smoren, zegt Adang. ‘Als er problemen ontstaan, kunnen ze terugvallen op die relaties. Je hebt als politie een antenne in de samenleving en kunt, om escalatie te voorkomen, je netwerk gebruiken. Het was niet enkel geluk dat wij geen etnische rellen kennen.’ [1] Bron: ‘Politieacademie: wijkgebonden politie voorkomt rellen’, nrc.nl, 26 april 2010.

Ik zag mijn collega’s Henny en Pim al naar mij kijken, want onze workshop ging over relaties opbouwen en het gezamenlijk werken aan veiligheid. In hun presentatie vertellen Henny en Pim over een incident met een kind waarbij ruzie ontstond, die de verhoudingen in de buurt op de proef stelde. Door de ‘Overdinkel Generator’ had de buurt relaties met elkaar; dus na enig praten konden ze met elkaar verder.

Omdat de aanpak in een klein dorp in geen relatie zou staan met de gebeurtenissen in de grote wereld, ga je vaak op pad met de vraag of jouw verhaal wel in verhouding staat met de problemen in de wereld. Het blijkt echter dat eenvoudige dagelijkse handelingen veel ellende kunnen voorkomen. Het is dus van belang dat je nieuwsgierig blijft en opgedane kennis uitprobeert in het dagelijks werk. Ga elke dag naar buiten, ga in gesprek met mensen, maak contact, luister en treedt waar nodig op als bemiddelaar. Zo kun je mensen bij elkaar houden.

De discussie tijdens de workshop van Otto ging alle kanten op en na ruim een uur verliet iedereen de zaal met nieuwe inzichten.

Na een goede lunch bereidden wij ons voor op onze workshop. Langzaam druppelden de collega’s binnen en wij merkten dat er veel wijkagenten waren. Daarnaast was er iemand van een gemeente in Noord-Holland en collega’s van de Politieacademie.

Het werd een leerzame bijeenkomst waarin we vragen stelden, zaken bediscussieerden en doorvroegen.

Centraal stond de aanpak ‘Overdinkel Generator’ die zich kenmerkt zich door in te gaan op alle levensgebieden van de bewoners van het Talmaplein in de Losserse wijk Overdinkel. Het Talmaplein werd een oorlogsgebied genoemd. Er waren veel sociale problemen, weinig cohesie en geen duurzame oplossingen. Kortom, de omgeving moest worden aangepakt.

Ben Koenen, een man van buitenaf, stelde een team samen met geld van de provincie en onder regie van de gemeente. De methode was als volgt. De teamleden gingen op bezoek bij de betrokken gezinnen en zij vroegen wat hun kracht was en waar hun last zat. Na deze gesprekken moesten wijkagent Pim en jeugdagent Hennie op alle vlakken hun beeld van de wijk, de bewoners, en de situatie daar drastisch bijstellen. Vanwege de overlast, de aanhoudende meldingen en problemen hadden ze een bepaald beeld bij het Talmaplein.

Soms wordt dat versterkt doordat in de media een bepaald plein of buurt negatief in het nieuws komt en dat blijft doen. Later werd er een enquête gedaan onder de wijkbewoners en daarmee werd het gezamenlijk beeld samengesteld. Op een speciaal georganiseerde marktdag werden de tien ambities van de wijk bepaald. Daarnaast boden ondernemers, gemeente, winkeliers en scholen hun producten, diensten en oplossingen aan en zo ontstond er enige cohesie. Men kwam uiteindelijk tot resultaat en andere buurten wilden ook meedoen.

Uit dit project blijkt maar weer dat de mensen de buurt maken en dat eenmaal opgebouwde relaties in vredestijd toekomstige crises kunnen weerstaan. Ook mijn verhaal op de Velve is daarop gebaseerd. We hadden voldoende tijd om met de bezoekers van onze workshop in discussie te gaan en we kregen aan het eind applaus.

Op de terugweg hadden wij het erover dat het een erg nuttige, zinvolle dag was en dat we maar eens een vakdag in Twente moesten organiseren. Er is ontzettend veel van elkaar te leren en sommige lessen zijn van alle tijd.

Het belangrijkst is om met mensen te blijven praten over alledaagse kleine buurtproblemen. Op deze manier blijven ze klein en voorkom je dat wij automatische geweren nodig hebben.
Probleem centraal of de oplossing en de kracht van de buurt zoeken?

Auteur Bennie Beuvink (1957) is sinds 2015 operationeel expert wijk Nationale Politie, Eenheid Oost, basisteam Enschede.

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

Reageer