Het volledig buiten beschouwing laten van giften in natura strookt niet met het aanvullende karakter van de bijstand.
Dit schrijft minister Aartsen in een Verzamelbrief Participatiewetzomer 2026.
Onderzocht is of giften in natura die noodzakelijk zijn voor het levensonderhoud volledig kunnen worden uitgezonderd van de inlichtingenplicht in de Participatiewet, zoals gevraagd in een motie van het Kamerlid Schalk (SGP) c.s.
Momenteel geldt op grond van de Participatiewet in balans een giftenvrijlating van maximaal € 1.200 per jaar. Giften en kostenbesparende bijdragen tot dat bedrag hoeven niet te worden gemeld en worden niet verrekend met de bijstandsuitkering.
Handhavingsproblemen
De motie beoogt giften in natura zonder maximumbedrag buiten beschouwing te laten. Volgens de minister levert dit echter nieuwe uitvoerings- en handhavingsproblemen op. Juridisch wordt namelijk onderscheid gemaakt tussen twee soorten giften in natura. Waardevaste goederen, zoals een fiets, kleding of sieraden, kunnen worden verkocht en worden daarom als vermogen aangemerkt. Andere giften, zoals boodschappen, worden gezien als kostenbesparende bijdragen, omdat zij noodzakelijke uitgaven verminderen. Voor bijstandsgerechtigden is dit onderscheid lastig te maken.
Juist om de regeling eenvoudiger en beter uitvoerbaar te maken, is gekozen voor één algemene vrijlating waarin zowel geldgiften, waardevaste giften als kostenbesparende bijdragen tot € 1.200 zijn opgenomen.
Daarnaast wijst de minister erop dat een volledige vrijstelling van giften in natura strijdig is met het complementariteitsbeginsel van de Participatiewet. Dit uitgangspunt houdt in dat mensen eerst hun eigen middelen benutten, waarna de bijstand alleen aanvullend is. Hoewel de minister begrijpt dat ook bijstandsgerechtigden moeten kunnen profiteren van vrijgevigheid, past een onbeperkte vrijstelling van giften in natura volgens hem niet binnen het aanvullende karakter van de bijstand.
Right to challenge
Verder ziet de minister geen aanleiding om een wettelijk ‘right to challenge’ in de Participatiewet op te nemen. Volgens de minister bieden het bestaande experimenteerartikel en de verruimde mogelijkheden binnen de Participatiewet voldoende ruimte voor gemeenten om nieuwe werkwijzen te ontwikkelen. Daarnaast krijgen mensen die niet direct kunnen werken meer mogelijkheden om zelf invulling te geven aan maatschappelijke participatie, waarbij gemeenten ondersteuning kunnen bieden.
Kostendelersnorm bij mantelzorg
Een praktische wijziging betreft de kostendelersnorm bij mantelzorg. De huidige wet biedt alleen een uitzondering voor de mantelzorger zelf. Omdat dit niet overeenkomt met de bedoeling van de wetgever, wordt een wetswijziging voorbereid waardoor ook de ontvanger van intensieve mantelzorg wordt uitgezonderd van de kostendelersnorm. Gemeenten mogen hier alvast op vooruitlopen.




Geef een reactie