Illegaal vuurwerk in en rond voetbalstadions blijft een hardnekkig probleem, en gemeenten spelen daarbij een sleutelrol die tot nu toe onvoldoende werd waargemaakt. Dat is de boodschap van het Auditteam Voetbal en Veiligheid in het rapport ‘Als de rook is opgetrokken’. Gemeenten waar een profclub is gevestigd, kunnen nu concreet aan de slag: met strengere lokale regelgeving en een actievere samenwerking met club en politie.
Aanleiding voor de vervroegde publicatie waren de ongeregeldheden op zondag 23 augustus bij de wedstrijd tussen SC Cambuur en Feyenoord, waarbij zeven mensen gewond raakten. Het onderzoek zelf was al maanden eerder afgerond en gaat over een structureel probleem waar gemeenten al jaren mee worstelen.
Waarom eerdere afspraken niet werkten
Sinds 2018 bestaan er landelijke afspraken tussen gemeenten, clubs, politie, justitie en de KNVB om vuurwerk bij voetbal terug te dringen. Volgens het auditteam zijn die afspraken grotendeels een lege huls gebleken: gemeenten gaven er ieder op hun eigen manier invulling aan, waardoor de aanpak per stad uiteenliep en niemand elkaar aansprak op naleving. Voor gemeenten is dit een signaal dat vrijblijvende samenwerking niet volstaat.
Wat gemeenten zelf kunnen doen: het voorbeeld Rotterdam
Een groot obstakel bij handhaving is dat daders vaak onherkenbaar blijven. Bivakmutsen, capuchons en spandoeken maken identificatie lastig, waardoor uiteindelijk vooral de club met een boete blijft zitten. Rotterdam liet zien dat een gemeente hier zelf iets aan kan doen: door de eigen algemene plaatselijke verordening (APV) aan te passen, kan het dragen van gezichtsbedekkende kleding op wedstrijddagen daar worden aangepakt. Het auditteam noemt dit een instrument dat andere gemeenten eenvoudig kunnen overnemen. Ook bestuursrechtelijk optreden tegen overlastgevende supporters, los van een strafrechtelijk traject, behoort tot de mogelijkheden die gemeenten al hebben maar nog te weinig benutten.
Toegangscontrole: een gedeelde verantwoordelijkheid
Vuurwerk wordt regelmatig binnengesmokkeld, verstopt in kleding of materiaal, soms al dagen voor de wedstrijd. Scanpoorten, handscanners en cameratoezicht worden aanbevolen, net als scherpere controle van leveranciers en stadionpersoneel. Voor gemeenten is relevant dat zij via vergunningverlening en toezicht invloed hebben op de vraag of clubs deze maatregelen ook werkelijk uitvoeren. Dat dit niet vanzelfsprekend is, bleek bij een onderzochte bekerfinale, waar afgesproken stewardscontrole in de praktijk werd overgeslagen.
Balans tussen handhaving en alternatieven
Het auditteam waarschuwt dat streng optreden alleen niet de oplossing is. Van de ruim 19.000 ondervraagde supporters vindt 71 procent dat er onderzoek moet komen naar veilige alternatieven voor illegaal vuurwerk. Gemeenten kunnen hierin, samen met clubs, het voortouw nemen door ruimte te bieden voor georganiseerde sfeeracties.
Kortom: de bal ligt mede bij gemeenten
Een landelijk vuurwerkverbod zal weinig veranderen zonder consequente lokale uitvoering. Voor gemeenten betekent dit concreet: de APV kritisch tegen het licht houden, binnen de lokale driehoek harde afspraken maken over wie waarop toeziet, en actief meedoen aan de landelijke regie die het auditteam bepleit. Nu het voetbalseizoen net is begonnen, is dit voor gemeenten met een stadion binnen hun grenzen geen onderwerp dat kan wachten.



Geef een reactie