Opinie Brexit: het einde van wederzijdse toegang?

0

Britse gemeenten hoopten dankzij de brexit verlost te zijn van de aanbestedingsregels. Inmiddels staat de deur voor wederzijdse toegang tot de aanbestedingsmarkt van de EU en het Verenigd Koninkrijk nog slechts op een kier – en kan deze zomaar dichtvallen.

Na twee jaar van brexit-onderhandelingen blijft de toekomstige relatie tussen de Europese Unie en het VK nog ongewis. Premier May krijgt de Withdrawal Agreement niet door het Britse parlement. Zonder uitstel wordt het een ‘no-deal’ op 29 maart. Op één gebied is in ieder geval wél al wat duidelijkheid. In juni van vorig jaar openden de Britten de onderhandelingen om toe te treden tot het internationale aanbestedingsverdrag, de Government Procurement Agreement (GPA).

Wat deze keuze precies inhoudt voor gemeenten, andere overheden en inschrijvers – aan beide kanten van het Kanaal – is daarentegen nog onduidelijk. Zoals zo vaak bij juridische keuzes zit ook hier the devil in the detail. Belangrijk hierbij: wederzijdse toegang tussen de Europese en de Britse aanbestedingsmarkt is geen gegeven.

Brexit als kans

Critici van de Europese aanbestedingsregels zien de brexit als een kans. Eindelijk zou de Britse wetgever de aanbestedingsregels kunnen aanpassen. Belangrijk onderdeel van de kritiek is de wens om lokaal te kunnen aanbesteden, zodat de lokale economie gestimuleerd kan worden. Veel Britse overheden zien overheidsopdrachten dus liever gaan naar Britse ondernemingen dan naar hun buitenlandse concurrenten. Een geluid dat ook veel in Nederland te horen is. De interne markt, en dus de aanbestedingsregels, verbieden deze voorkeuren momenteel. Het gevolg van Brits protectionisme is wel dat het Europees protectionisme uitlokt.

Niet rooskleurig

De Britten konden verschillende routes bewandelen om wederzijdse toegang tot aanbestedingen toch te garanderen na de brexit. Zo had ingezet kunnen worden op behoud van de huidige aanbestedingsregels door toetreding tot de Europese Economische Ruimte of het sluiten van een nieuw handelsverdrag, zoals het CETA verdrag met Canada. Maar met de GPA-route lijkt er gekozen te zijn voor protectionisme in plaats van wederzijdse toegang. De uitwerking van de toetredingsvoorwaarden zal bepalen of deze conclusie juist is, maar de vooruitzichten zijn niet rooskleurig.

Op het eerste gezicht lijkt deelname aan de GPA positief voor de internationale handel. Het verdrag tracht open, eerlijke en transparante mededingingsvoorwaarden te creëren voor aanbestedingen in de aangesloten 46 lidstaten. Hoewel in veel minder detail dan de Europese aanbestedingsregels bevat dit verdrag bepalingen over gelijkheid en transparantie, zoals over selectiecriteria, termijnen en aankondigingen.

Uitsluiten

Problematisch is echter dat de reikwijdte van deze bepalingen vaak sterk beperkt wordt. Deze voorbehouden kunnen gehele industrieën en contracten van hoge of juist lage waarde uitsluiten. De VS doet dit bijvoorbeeld door zogeheten Buy American-voorbehouden. Amerikaanse midden- en kleinbedrijven kunnen daardoor bevoordeeld worden ten opzicht van buitenlandse inschrijvers.

Aan de vormgeving van de toetredingsvoorwaarden gaat een tweeledige vraag vooraf. Hoeveel toegang willen de aangesloten verdragspartijen, waaronder alle EU lidstaten, bieden en hoeveel is het VK bereid daarvoor terug te geven? In eerste instantie werd het aspirant-lid niet met open armen ontvangen. De VS voorzag bijvoorbeeld problemen in de voorgestelde overgangsperiode na 29 maart, en Moldavië zag het als een mogelijkheid om zijn  eigen positie binnen de GPA te heronderhandelen.

Op een kier

Ondanks deze initiële strubbelingen is er op 27 november vorig jaar toch overeenstemming bereikt om de Britse markt voor overheidsopdrachten met een geschatte waarde van 260 miljard euro te behouden in de GPA. De Britten waren immers voorheen al automatisch aangesloten wegens hun EU-lidmaatschap. De vraag is op welke manier hun nieuwe lidmaatschap vorm gegeven gaat worden. Voorlopig lijkt daarin de deur voor wederzijdse toegang nog op een kier te staan, maar die kan wegens vele voorbehouden in de praktijk geheel gesloten worden.

mr. dr. Willem A. Janssen is universitair onderzoeker & docent aan de Universiteit Utrecht en tevens verbonden aan het Public Procurement Research Centre. Onlangs promoveerde hij op EU Public Procurement Law & Self-organisation: A Nexus of Tensions & Reconciliations. In zijn columns op Gemeente.nu gaat hij in op zijn onderzoek over de relatie tussen markt & overheid.

Reageer

Het laatste nieuws van Gemeente.nu in je mailbox?

Meld je aan voor de algemene nieuwsbrief of een van de themanieuwsbrieven van Gemeente.nu.

Aanmelden