Bevoegdheden van Boa’s op een rij

1

Wat mogen Boa’s en onder welke voorwaarden?

Wie heeft deelgenomen aan de onlangs gehouden kennisquiz over Buitengewoon opsporingsambtenaren weet dat het lastig kan zijn te bepalen wat een Boa wettelijk mag doen. De bevoegdheden en voorwaarden zijn op een rij gezet in een document van de Kennisbank Handhaving. “Een opsporingsambtenaar mag niet naar eigen inzichten gebruik maken van een bevoegdheid”, stelt het document in de inleiding.

“Als een opsporingsambtenaar een opsporingsbevoegdheid wil toepassen, moet deze bevoegdheid zijn geregeld in een wet.”

Leidend is het subsidiariteitsbeginsel, wat bepaalt dat opsporingsambtenaren hun doelen moeten bereiken op een manier die voor betrokkenen het minst ingrijpend is. Verder mag “de opsporingsambtenaar de betrokkene geen beloften doen of trucs uithalen om zijn doel te bereiken”.

Privacy
Het optreden moet proportioneel zijn. Een inbreuk op de privacy van mensen, vastgelegd in het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mensen en de Nederlandse Grondwet, kan alleen worden verantwoord vanuit de wettelijke mogelijkheden. “De toepassing van dwangmiddelen dient daarbij te voldoen aan het proportionaliteitsbeginsel en

het subsidiariteitsbeginsel.”

Voor het onderzoek aan de kleding van verdachten zijn twee voorwaarden:

  • Er moet sprake zijn van een aangehouden verdachte;
  • Tegen de verdachte moeten ernstige bezwaren bestaan.

“De verdachte moet eerst zijn aangehouden, voordat in het belang van het onderzoek een onderzoek aan zijn

kleding kan worden ingesteld.” De Boa heeft hier, met het bekloppen van kleding, de grens van zijn bevoegdheden qua fouilleren bereikt.

Onderzoek aan het lichaam
Alleen bij ernstige bezwaren en het belang van nader onderzoek kan een hulpofficier of een officier van justitie bepalen dat iemand aan het lichaam wordt onderzocht, zelfs inwendig. “Het gaat dan om het uitwendig schouwen van de openingen en holten van het onderlichaam, röntgenonderzoek, echografie en het inwendig manueel onderzoek van de openingen en de holten van het lichaam.”

Dit wordt gedaan door een arts, in een besloten plaats, en zoveel mogelijk door een arts van het hetzelfde geslacht als de verdachte. Het kan bijvoorbeeld gaan om bolletjesslikkers.

Het kennisdocument gaat dieper op de bevoegdheden in dan dit artikel. Het gaat onder meer om het staande houden van een verdachte, het vaststellen van zijn identiteit en het in beslag nemen van voorwerpen.

Het document is hier te downloaden >>

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

1 reactie

Reageer