Besloten vergaderingen van de gemeenteraad roepen geregeld vragen op over toegankelijkheid, geheimhouding en de rechten van raadsleden. Hoewel de deuren tijdelijk gesloten kunnen worden, blijft ook achter gesloten deuren het uitgangspunt van democratische controle en deelname onverminderd gelden.
Hoofdregel: openbaarheid
De gemeenteraad vergadert in het openbaar, zo bepalen de Grondwet en de Gemeentewet. Het openbare karakter betekent dat eenieder de vergadering kan bijwonen of hiervan kennis kan nemen, zonder voorafgaande toestemming of opgave van redenen. Het weigeren van journalisten door een burgemeester is dan ook uit den boze! Toehoorders kan slechts tijdelijk de toegang tot de raadsvergadering worden ontzegd indien de betreffende toehoorder de vergaderorde herhaaldelijk verstoort. Toch kan de gemeenteraad besluiten de deuren te sluiten voor een besloten vergadering. Wat betekent dit voor de toegankelijkheid?
Democratische rechten van het raadslid
Voor een raadsvergadering is het van belang dat alle leden van de raad toegang hebben tot de raadsvergadering, dat zij aan de beraadslagingen mogen deelnemen en dat zij mogen stemmen. Dat is hun democratisch recht als volksvertegenwoordiger, al staat dat niet expliciet zo in de Gemeentewet. Slechts in het uitzonderlijke geval dat een raadslid de geregelde gang van zaken herhaaldelijk belemmert, kan dat raadslid tijdelijk de toegang tot raadsvergaderingen worden ontzegd. Daarmee kan hij zijn democratische rechten niet uitoefenen. Terughoudendheid is geboden bij de toepassing van deze bevoegdheid. Om dezelfde reden is de Afdeling bestuursrechtspraak zeer terughoudend bij het aannemen van mogelijk belangenverstrengeling. Dan is er immers een plicht voor het raadslid om niet aan de beraadslaging deel te nemen en om zich te onthouden van stemming.
Besloten vergadering
De genoemde rechten van een raadslid gelden onverkort bij een besloten vergadering. Ook daar wordt immers beraadslaagd, en er kan ook besloten worden. Het past niet om een raadslid, dat bijvoorbeeld te laat is, de toegang tot de raadszaal te weigeren, hetgeen in de praktijk nog weleens gebeurt. Het vergaderen achter gesloten deuren betekent niet dat de raadszaal een soort fort wordt waar niemand in of uit mag: het betekent slechts dat de zaal op dat moment niet voor iedereen, maar slechts voor bepaalde personen toegankelijk is. Een andere uitleg zou de democratische rechten van het raadslid volledig uithollen. Daarnaast heeft ook een raadslid dat niet aanwezig kan zijn recht op de in de vergadering gedeelde informatie via kennisneming van het verslag dat van de vergadering wordt opgemaakt. Dat verslag is natuurlijk wel geheim. Het niet naleven van de geheimhouding is een strafbaar feit, voor iedereen die tijdens of (binnen de geheimhoudingsplicht) na de vergadering kennisneemt van de geheime informatie.
Andere functionarissen
Naast raadsleden zijn er enkele andere functionarissen die toegang hebben tot de raadsvergadering, ook een besloten vergadering. Dat zijn de burgemeester, de wethouders, de griffier en ook de commissaris van de Koning. Zij kunnen dus na het sluiten van de deuren gewoon naar binnen, waarbij de burgemeester en wethouders zelfs het recht hebben om aan de beraadslagingen deel te nemen. Voor overige functionarissen, zoals griffiemedewerkers en andere ambtenaren, geldt geen recht om aanwezig te zijn. De raad kan in het reglement van orde wel regels stellen omtrent de aanwezigheid van andere personen of per geval beslissen over toelating. Zeker voor functionarissen die vanuit hun functie een geheimhoudingsplicht hebben, zoals ambtenaren, maar bijvoorbeeld ook advocaten, hoeft dit niet tot problemen te leiden. Overigens zijn ook andere bij de uitvoering betrokken personen gebonden aan de geheimhouding, en zodoende strafbaar wanneer zij de informatie zouden lekken. De geheimhoudingsplicht rust op eenieder die tijdens de vergadering aanwezig was.

Geef een reactie