Het kabinet wil de taaleis in de Participatiewet effectiever maken en gemeenten die de regels niet handhaven, desnoods financieel aanspreken. Doel is om mensen in de bijstand sneller aan het werk te helpen door taalachterstanden gericht aan te pakken.
Uit een recente evaluatie blijkt dat veel gemeenten moeite hebben met de huidige uitvoering van de taaleis. Van de 106 gemeenten die reageerden, vinden slechts 15 gemeenten de taaleis een effectief instrument. Daarnaast geven 70 gemeenten aan dat de regeling veel bureaucratie en uitvoeringslasten met zich meebrengt.
Meer focus op werk
Volgens het kabinet moet de taaleis beter aansluiten bij het doel van de Participatiewet: mensen ondersteunen bij het vinden en behouden van werk. Daarom wil minister Aartsen van Werk en Participatie de taaleis voortaan toepassen wanneer onvoldoende beheersing van de Nederlandse taal een belemmering vormt voor arbeidsdeelname.
De doelgroep wordt daarbij breder. Nu geldt vaak dat mensen die acht jaar Nederlandstalig onderwijs hebben gevolgd of een inburgeringsdiploma hebben behaald, geacht worden voldoende Nederlands te spreken. Het kabinet wil meer kijken naar de feitelijke taalvaardigheid van mensen en de mate waarin taal een obstakel vormt voor werk.
Minder administratieve lasten
Om de uitvoering te vereenvoudigen, krijgen gemeenten meer ruimte om het taalniveau zelf te beoordelen. Een verplichte taaltoets blijft bestaan, maar hoeft niet meer te worden afgenomen wanneer voor een consulent duidelijk is dat iemand de taal voldoende of juist onvoldoende beheerst. Alleen in twijfelgevallen blijft een toets verplicht.
Daarnaast wordt de taaleis sterker gekoppeld aan bestaande re-integratietrajecten. Gemeenten kunnen taalontwikkeling daardoor meenemen in het bredere traject naar werk, in plaats van hiervoor een afzonderlijk proces te organiseren.
Gemeenten riskeren maatregelen
Het kabinet benadrukt dat gemeenten de taaleis moeten uitvoeren en handhaven. Wanneer iemand zich onvoldoende inspant om de Nederlandse taal te leren, kan de bijstandsuitkering worden verlaagd. Bij herhaalde overtredingen kan die verlaging oplopen tot 100 procent van de uitkering.
Minister Aartsen waarschuwt daarnaast gemeenten die de taaleis principieel niet willen uitvoeren. Als gemeenten weigeren de wet toe te passen, kan het Rijk ingrijpen. In het uiterste geval kan dat leiden tot een aanwijzing of een korting op het BUIG-budget.
Voor de voorgestelde wijzigingen is een aanpassing van de Participatiewet nodig. Het kabinet verwacht het wetsvoorstel in de tweede helft van 2027 aan de Tweede Kamer aan te bieden.




Geef een reactie