Het kabinet komt met een omvangrijk pakket maatregelen om zorgfraude en ondermijnende criminaliteit in de zorgsector tegen te gaan. Nieuwe en herstartende zorgaanbieders worden voortaan strenger gescreend, toezicht en opsporing worden uitgebreid en de toepassing van de Wet Bibob wordt versterkt. Voor de aanpak stelt het kabinet structureel oplopend tot 50 miljoen euro per jaar beschikbaar.
Volgens minister Mirjam Sterk is de noodzaak groot. Zorgfraude leidt niet alleen tot verspilling van publieke middelen, maar zorgt er ook voor dat kwetsbare mensen niet de zorg krijgen waarop zij recht hebben. Daarnaast kunnen zorgmedewerkers in onveilige situaties terechtkomen. De minister wijst erop dat fraude in de zorg steeds vaker wordt gepleegd door georganiseerde criminele netwerken in plaats van individuele fraudeurs.
Strengere toelating van zorgaanbieders
Een belangrijk onderdeel van de aanpak is het aanscherpen van de toelatingseisen voor zorgaanbieders. Het kabinet werkt aan wetgeving die nieuwe en herstartende aanbieders van zorg die wordt gefinancierd vanuit de Zorgverzekeringswet, de Wet langdurige zorg, de Jeugdwet en persoonsgebonden budgetten aan strengere voorwaarden bindt.
Ook voor aanbieders van ondersteuning vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo 2015) worden aanvullende normen uitgewerkt. Daarbij staan kwaliteit, rechtmatigheid en integriteit centraal.
Daarnaast wil het kabinet de vergunningsplicht uitbreiden naar alle zorgaanbieders, waaronder zelfstandigen en onderaannemers. Bestuurders, eigenaren en toezichthouders van zorgorganisaties moeten bovendien verplicht beschikken over een Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG).
Meer controles en inzet van Bibob
Om malafide partijen eerder te weren, wordt de Wet Bibob structureler ingezet. Met deze wet kunnen overheden onderzoeken of er risico bestaat dat vergunningen of subsidies worden misbruikt voor criminele activiteiten.
Er komen meer fysieke controles bij nieuwe en herstartende zorgaanbieders die als risicovol worden beschouwd. Het kabinet verwacht hierdoor signalen van fraude, misbruik en ondermijning eerder te kunnen herkennen.
Betere informatie-uitwisseling
Omdat fraudeurs vaak actief zijn over de grenzen van gemeenten en zorgdomeinen heen, zet het kabinet ook in op betere samenwerking tussen gemeenten, zorgverzekeraars, zorgkantoren en opsporingsdiensten. Nieuwe regelgeving moet het mogelijk maken om tijdens lopende onderzoeken gemakkelijker gegevens uit te wisselen.
Het ministerie van Justitie en Veiligheid onderzoekt of relevante politiegegevens over mogelijke zorgfraude gedeeld kunnen worden met partners binnen de Taskforce Integriteit Zorgsector.
Extra capaciteit voor toezicht en opsporing
Met middelen uit het Aanvullend Zorg- en Welzijnsakkoord wordt de capaciteit van de recherche zorgfraude van de Nederlandse Arbeidsinspectie en het Functioneel Parket van het Openbaar Ministerie uitgebreid. Ook het toezicht wordt versterkt, zodat fraudeurs sneller kunnen worden opgespoord en aangepakt.




Geef een reactie