Gemeenten beschikken volgens minister Boekholt-O’Sullivan van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening over voldoende instrumenten om op te treden tegen ongewenst verhuurgedrag. Wel wordt de Wet goed verhuurderschap momenteel geëvalueerd. De resultaten daarvan worden komend najaar met de Tweede Kamer gedeeld.
Dat schrijft de minister in antwoord op Kamervragen over vermeende misstanden bij een verhuurder .
De Kamervragen gaan onder meer over gebrekkig onderhoud, langdurig defecte liften, bemiddelingskosten en de positie van kwetsbare huurders. De minister benadrukt dat gemeenten verschillende mogelijkheden hebben om op te treden. Zo kunnen zij handhaven als woningen of installaties niet voldoen aan de bouwregels. Afhankelijk van het veiligheidsrisico kan een gemeente bepalen hoe snel optreden noodzakelijk is en bijvoorbeeld bestuursdwang, een andere herstelsanctie of een boete inzetten.
Wet goed verhuurderschap
Ook de Wet goed verhuurderschap en de Wet betaalbare huur bieden gemeenten instrumenten. Gemeenten kunnen onder meer optreden tegen intimidatie, te hoge huren en onredelijke servicekosten. Daarnaast moet iedere gemeente beschikken over een meldpunt voor ongewenst verhuurgedrag. Gemeenten kunnen een verhuurvergunning invoeren en daaraan voorwaarden verbinden. Bij de vergunningverlening kan ook een Bibob-toets worden toegepast, waardoor relevante strafbare feiten kunnen meewegen.
Bij verboden bemiddelingskosten kunnen gemeenten eveneens handhaven. Dat hoeft niet alleen naar aanleiding van een melding van een huurder: een gemeente kan ook proactief optreden wanneer blijkt dat bemiddelaars stelselmatig ten onrechte kosten in rekening brengen.
Meer informatie-uitwisseling tussen gemeenten
De minister ziet daarnaast het belang van een gezamenlijke aanpak van verhuurders die in meerdere gemeenten actief zijn. De Wet goed verhuurderschap verplicht gemeenten voorafgaand aan het instellen van een verhuurvergunningplicht te overleggen binnen de woningmarktregio. Ook worden besluiten over bestuurlijke boetes en het in beheer nemen van woningen openbaar gemaakt. Zo kunnen gemeenten beter zicht krijgen op verhuurders die hun activiteiten naar een andere gemeente verplaatsen.
Een mogelijk volgende stap is het voorgestelde huurregister, dat recent in consultatie is geweest. In het voorstel kan het register een centrale plek bieden voor sanctiebesluiten. Gemeenten zouden daardoor eenvoudiger kunnen nagaan of een verhuurder elders al is gesanctioneerd en handhavingsinformatie beter kunnen uitwisselen. Het register moet bovendien duidelijk maken wie daadwerkelijk de verhuurder van een woning is.
De minister kondigt vooralsnog geen nieuw onderzoek naar de verhuurder aan. Daarvoor heeft zij naar eigen zeggen geen wettelijke bevoegdheid. De eerstvolgende concrete stap op landelijk niveau is de lopende evaluatie van de Wet goed verhuurderschap, waarvan de resultaten dit najaar worden verwacht.



Geef een reactie