Het leek in 2016 zo’n mooie oplossing om jongeren aan woonruimte te helpen. Een zelfstandige jongerenwoning voor vijf jaar, waarna de jongeren door kunnen stromen naar de reguliere woningmarkt. Inmiddels zit de woningmarkt muurvast, en dreigen jongeren na afloop van het contract dakloos te worden. Het probleem verschuift.
Jongeren die er eentje weten te bemachtigen zijn er nog altijd dolblij mee. Een zelfstandige en betaalbare woning waar je vijf jaar lang mag blijven wonen. In deze tijd van grote kamer- en woningnood, is dit wel een van de hoofdprijzen. Vrijwel niemand is dan ook bezig met de periode daarna. Tot ze zes maanden voor afloop van hun jongerenhuurcontract een brief krijgen met de mededeling dat ze de woning moeten verlaten. En dan slaat bij velen de paniek toe, want van doorstromen naar de reguliere woningmarkt in intussen geen sprake meer.
Jongerenhuurcontract
Het jongerencontract is in juli 2016 in werking getreden en opgenomen als apart artikel in de Huisvestingswet 2014. Om in aanmerking te komen moet je tussen de 18 en 28 jaar zijn bij het tekenen van het contract. Het gaat om een tijdelijk contract van maximaal vijf jaar, dat de verhuurder minimaal zes maanden van tevoren moet opzeggen. De jongeren die een woning bemachtigen, houden wel hun inschrijfduur voor een andere woning later.
De regeling is bedoeld om de doorstroom op de woningmarkt te bevorderen, waardoor de woning na vijf jaar weer vrijkomt voor een andere jongere. In sommige gevallen zijn woningcorporaties bereid het jongerencontract met een of twee jaar te verlengen, maar ze zijn er niet toe verplicht. In de praktijk betekent dit dat veel jongeren straks na vijf jaar weer op straat staan en hun heil opnieuw bij hun ouders of vrienden moeten zoeken.
Dakloos
Actualiteitenprogramma 1Vandaag sprak Naomi Janssen (26) die straks dakloos wordt als de woningcorporatie blijft bij de weigering om haar huurcontact met een of twee jaar te verlengen. Janssen heeft geen vangnet van familie en vrienden en heeft daarom een advocaat in de arm genomen. Haar contract is afgelopen en de corporatie, Woonstad Rotterdam, zegt volgens haar simpelweg dat ze bij hun besluit blijven, omdat ze andere jongeren ook een kans willen geven. Op papier heeft ze vier jaar inschrijftijd, maar in veel grote steden, waaronder haar woonplaats Rotterdam, betekent dat helemaal niks. Dan zijn er gemiddeld minimaal 1500 tot 2000 concurrenten per huis. Ofwel een volslagen kansloze exercitie. De particuliere sector is voor een grote groep jongeren onbetaalbaar, nog afgezien van de schimmige praktijken van sommige verhuurders.
Volgens de advocaat van Janssen, Jennifer Alspeer, staat zij symbool voor een grote groep jongeren die simpelweg geen schijn van kans maakt op een nieuwe woning zodra de vijf jaar om zijn. Zonder netwerk dreigt voor hen direct dakloosheid, zegt Alspeer in 1Vandaag. ‘Jongerenhuurcontracten zijn ontwikkeld in een tijd dat er nog beweging was op de markt, maar de wereld ziet er nu totaal anders uit.’
Probleem verschuift
Vraag is hoe je voor deze groep die nu buiten de boot dreigt te vallen een oplossing vindt. Het jongerenhuurcontract biedt jongeren nog altijd een mooie eerste stap op de woningmarkt, maar het probleem verschuift. Er ontstaat nu een bulk aan jonge mensen die vijf jaar zelfstandig hebben gewoond, maar daarna nergens terecht kunnen. Er zijn weinig jongeren die dan terug willen naar hun ouders als dat al kan. Ook voor de ouders is dit onwenselijk. Door blijven zoeken en blijven reageren op huizen tijdens de vijf jaar dat je goed zit in je jongerenwoning, kan wellicht de stap naar een ander huis daarna iets vergemakkelijken. Maar dat is verre van een garantie.



Geef een reactie