Een telefoongesprek is aanzienlijk effectiever dan een brief bij het benaderen van inwoners met betalingsachterstanden. Toch maken gemeenten nog vooral gebruik van e-mail en post. De belangrijkste reden: een tekort aan capaciteit.
Dat blijkt uit de Monitor Vroegsignalering Schulden van Divosa. Waar telefonisch contact in 62 procent van de gevallen leidt tot een reactie, ligt dat bij brieven en e-mails op slechts 7 procent.
Gemeenten hebben de wettelijke taak om inwoners met betalingsachterstanden op vaste lasten, zoals huur, energie, water en zorgverzekering, actief te benaderen. Door tijdig hulp aan te bieden, willen zij voorkomen dat beginnende financiële problemen uitgroeien tot ernstige schulden.
Voor de uitvoering van deze taak zijn gemeenten afhankelijk van gegevens van zogenoemde vastelastenpartners. Deze partijen zijn verplicht om minimaal een adres te delen. Wanneer alleen een postadres beschikbaar is, zijn de mogelijkheden voor persoonlijk contact beperkt.
Sinds de invoering van de wet in 2021 delen deze partners steeds vaker ook telefoonnummers. Dit biedt kansen voor effectiever en persoonlijker contact. In de praktijk lukt het gemeenten echter nog onvoldoende om hiervan gebruik te maken. Volgens Divosa blijven kansen liggen doordat gemeenten simpelweg niet genoeg personeel en middelen hebben om inwoners telefonisch te benaderen. Daardoor vallen zij vaak terug op minder effectieve communicatiemiddelen zoals brieven en e-mails.
In 2025 ontvingen gemeenten meer dan een miljoen signalen van betalingsachterstanden. In ongeveer 814.000 gevallen is geprobeerd contact te leggen, maar uiteindelijk werd slechts één op de vijf inwoners daadwerkelijk bereikt. Divosa benadrukt dat vroegsignalering alleen succesvol is als signalen worden opgevolgd met persoonlijk contact, zoals een telefoongesprek of huisbezoek. Dat vraagt om voldoende capaciteit en structurele inzet van personeel.
Ambitieuze doelen
Er zijn ambitieuze doelen gesteld: in 2029 zou 40 procent van de benaderde inwoners moeten reageren op het hulpaanbod. Om dit te realiseren, is volgens Divosa structurele financiering noodzakelijk. Jaarlijks is minimaal 20 miljoen euro nodig om gemeenten in staat te stellen signalen tijdig en kwalitatief op te pakken.
Divosa roept het Rijk daarom op om niet alleen voor 2026 middelen beschikbaar te stellen, maar te zorgen voor een duurzame financiële oplossing. Zonder extra investeringen dreigt de vroegsignalering vast te lopen: het aantal signalen groeit, maar de capaciteit om hierop te reageren blijft achter.


Geef een reactie