OpinieDe waarde van raadsleden

1

Heeft het nog zin om 19 maart naar de stembus te gaan om onze gemeenteraden te kiezen?

Wat is nog het belang van gemeenteraadsleden als de uitvoering van taken steeds meer wordt belegd bij regionale samenwerkingsverbanden waar niemand nog invloed op lijkt te hebben? Dit fenomeen is sterk zichtbaar bij de drie decentralisaties in het sociale domein. Taken op het gebied van Wmo, Jeugdzorg en Participatiewet worden voortaan regionaal uitgevoerd.

In een rapport (pdf, 176 KB), dat in opdracht van Raadslid.nu in januari werd gepubliceerd, bleek onder meer dat veel raadsleden zich zorgen maken over de toename van regionale samenwerking. Zo zien zeven van de tien raadsleden het toenemend aantal gemeenschappelijke regelingen als een bedreiging voor de lokale democratie. Een groot aantal hoogleraren, opinieleiders en politici pleit daarom voor krachtige gemeenteraden. Juist in deze tijd. De analyses die hieraan ten grondslag liggen zijn vaak gortdroog en de ideeën van een democratisch deficit zijn versleten.

Mandaat

Onlangs zei premier Mark Rutte het treffend tijdens een congres. Hij vergeleek het wethouderschap met zijn premierschap. Rutte stelde dat hij vanuit de Tweede Kamer altijd een vastomlijnd onderhandelingsmandaat meekrijgt als hij naar de Europese Raad gaat. Na afloop legt hij verantwoording af aan het parlement over de besluiten die zijn genomen. Zo simpel kan het zijn. Volgens Rutte zouden gemeenteraadsleden wethouders een helder mandaat mee moeten geven waarin de politieke wensen zijn neergelegd. Wethouders kunnen zich dan niet meer verschuilen achter het mantra: daar ben ik niet verantwoordelijk voor. Een wethouder dient zicht te verantwoorden voor zaken die regionaal worden uitgevoerd.

Daarnaast stelde Rutte dat het vooral nu als raadslid zin heeft om contact te hebben met collega-raadsleden in de omringende gemeenten. Zo kan samenwerking tussen raadsleden ertoe leiden dat knelpunten bij de uitvoering eerder worden gesignaleerd. Samenwerking kan er ook voor zorgen dat raadsleden sterker tegenover colleges staan die zich niet aan de afspraken houden.

Drempels

Als deelraadslid in Amsterdam Centrum zie ik nu al grote terughoudendheid bij raadsleden om collega’s in een ander stadsdeel te raadplegen. Voor leden van de Amsterdamse gemeenteraad geldt dit nog nadrukkelijker in hun contacten met collega’s uit buurgemeenten. Eigenlijk jammer. Daar is nog een wereld te winnen.

Moet je dan over alles met iedereen in contact treden? Uiteraard niet. Om goed toezicht te kunnen houden op wat het College doet moet je eerst goed nadenken wat nu écht belangrijk is. Waar liggen de grootste afbreukrisico’s op het gebied van de drie decentralisaties? Waar zou je nu als raadslid wakker van moeten liggen? Genoeg stof tot nadenken voor onze aankomende volksvertegenwoordigers…



Over de auteur:

Alexander Versteeg is adviseur/onderzoeker bij KING en deelraadslid in Amsterdam Centrum

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

1 reactie

  1. . Het kan beter op

    Natuurlijk heeft zin om naar de stembus te gaan!
    Het moeilijkste is dat raadsleden van allerlei soort zijn. Sommige raadsleden doen weinig tot niets. Sommige zijn betrokken en Veel raadsleden zien het als een ere baantje en voegen niets toe aan de samenleving. Ze hangen aan het pluch en zijn berekend en zoeken eigen belang. Opkomen voor de burger telt nauwelijks in hun afweging. Dit zijn nadelen van raadsleden, maar ik zou de democratie hiervoor niet willen inleveren. Het gedrag komt hoog liberaal over. Ik. Ik. Ik!

Reageer