VNG: Geef peuters gratis opvang

0

De VNG adviseert het Kabinet de weg vrij te maken voor een basisvoorziening voor opvang en onderwijs voor alle kinderen van 0 – 12 jaar.

Om te beginnen moeten alle peuters het recht krijgen op enkele dagdelen gratis opvang in een voorschoolse voorziening, adviseert de VNG. “Gratis opvang betekent een optimaal bereik van de peuters.”

Volgens de vereniging is dat nodig omdat het deelnemen aan een voorschoolse voorziening zorgt voor een goede start op de basisschool. We  voorkomen hiermee dat ouders vanwege de kosten of de ingewikkelde toeslagprocedure van de Belastingdienst afhaken. Gemeenten moeten sturing en regie kunnen geven aan invulling van de lokale pedagogische infrastructuur afgestemd op de lokale vraag en de lokale mogelijkheden.

De VNG constateert dat voorschoolse voorzieningen, kinderopvang en peuterspeelzalen, sterk conjunctuurgevoelig zijn. Hierdoor is het steeds lastiger om voorzieningen lokaal in stand te houden, laat staan de kwaliteit daarvan te optimaliseren. We hebben de bewindslieden in een brief geadviseerd over de uitwerking van het Kabinetsvoornemen over peuterspeelzalen, kinderopvang en onderwijs.

Advies korte termijn
Voor de korte termijn luidt ons advies: voor alle peuters 2 dagdelen gratis opvang in een voorschoolse voorziening en voor doelgroeppeuters 4 dagdelen. De kosten kunnen deels worden gedekt uit de bestaande landelijke budgetten voor kinderopvang (evenredig aandeel) en VVE en deels uit de reeds gestorte  middelen voor kwaliteitsverbetering van peuterspeelzalen.

Advies Lange termijn
Voor de lange termijn adviseren wij de mogelijkheden te onderzoeken voor een herzien en éénduidig stelsel voor opvang en onderwijs, waarbij het uitgangspunt is een integrale basisvoorziening voor alle kinderen van 0 – 12 jaar.

Pedagogische infrastructuur op maat

Met de voorgestelde maatregelen kunnen gemeenten regie nemen en sturing geven aan het realiseren van een pedagogische infrastructuur op maat, afgestemd op de vraag en behoeften van kinderen en hun ouders en op de lokale mogelijkheden. Hierbij krijgen gemeenten tevens een stevige positie om taken zoals het realiseren van een doorgaande ontwikkelingslijn voor jonge kinderen, vroegsignalering van gedragsproblemen en de transformatie van de jeugdzorg zo optimaal mogelijk uit te voeren.

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

Reageer