OpinieHardheidsclausule voorkomt schrijnende situaties

5

In de Wmo is veel beleidsvrijheid aan gemeenten toebedeeld. Daarom hebben sommige bestuursorganen er voor gekozen om geen hardheidsclausule in de Wmo-verordening op te nemen. Niet verstandig.

– COLUMN –  

Zij zien de hardheidsclausule als een vertaling van artikel 4:84 Algemene wet bestuursrecht, dat de mogelijkheid biedt om als bestuursorgaan van een beleidsregel af te wijken.

Naar mijn mening is het een vergissing om te menen dat  de hardheidsclausule een vertaling is van artikel 4:84 Algemene wet bestuursrecht.  

Belangenafweging

Het toepassen van de hardheidsclausule maakt, in mijn ogen, deel uit van de totale belangenafweging die het bestuursorgaan zou moeten maken. Voor zover het bestuursorgaan beleidsvrijheid heeft, moet het bestuursorgaan deze afweging ook daadwerkelijk voltrekken. Artikel 4:84 Algemene wet bestuursrecht gaat echter over een heel ander onderwerp. Ik verklaar me nader.

De Algemene wet bestuursrecht eist dat alle bij een besluit betrokken belangen worden afgewogen. Gebeurt dit niet dan is sprake van een gebrek in de besluitvorming. Dit betekent echter niet dat het bestuursorgaan tot een ander besluit moet komen als die belangenafweging wel plaats vindt. Waar het om gaat, is dat regelingen niet ‘automatisch’ worden toegepast, zonder te kijken naar de specifieke omstandigheden van het geval.  

De hardheidsclausule 

De hardheidsclausule in een Wmo-verordening ziet op iets anders dan de mogelijkheid van een beleidsregel af te wijken op grond van de Algemene wet bestuursrecht. De hardheidsclausule biedt de mogelijkheid om van een beleidsregel af te wijken tenzij die voor een belanghebbende gevolgen zou hebben die niet in verhouding staan tot de doelen die met die beleidsregel worden nagestreefd. Eenvoudig gezegd: het is niet de bedoeling dat toepassing van een beleidsregel meer kwaad dan goed doet.  

Regels

Als het bestuursorgaan tot belangenafweging overgaat dan zal het, naar mijn mening, een aantal regels in acht moeten nemen voor de manier waarop de belangen worden afgewogen. Daaronder valt ook het toepassing geven aan de hardheidsclausule. Als in de toe te passen wet zo een bepaling is opgenomen, zoals in elke Wmo-verordening, dan zal het bestuursorgaan steeds moeten bezien of er toepassing moet worden gegeven aan die clausule. Die hardheidsclausule voegt dus wel degelijk iets toe aan de belangenafweging die de Algemene wet bestuursrecht vraagt. Die kan helpen om ‘schrijnende situaties’ te voorkomen.

Kortom: Ik vind dat het afwijken van de verordening onder gebruikmaking van de hardheidsclausule beter past bij de Wmo-visie dan het gebruik maken van het artikel 4:84 Algemene wet bestuursrecht.



Mr. Geeta Nanda-Mangon is Juriste Bestuursrecht en Mediator bij Yacht Interim.

Dit is het eerst blog van Yacht in een serie over gemeentelijke juridische onderwerpen. Vanuit een brede praktijkervaring zullen een groot aantal, bij de overheid actieve, juristen, actuele situaties behqandelen.

Volg Gemeente.nu via Twitter >>

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

5 reacties

  1. Rudi ter Horst op

    Volgens mij heb je een zgn. hardheidsclausule helemaal niet nodig, omdat bij het nemen van een besluit alttijd toepassing moet worden gegeven aan het gestelde in artikel 3:4 awb.Volgens de leer van de gelede normstelling is het beslismoment de laatste concrete stap in een concreet geval en komt dus n? de toepassing van beleidsregels of uitvoeringsregels.
    Rudi ter Horst, adviseur bestuurspraktijk gemeente Oude IJsselstreek.

  2. Wie de hardheidsclausule uit een verordening verwart met de inherente afwijkingsbevoegdheid van een beleidsregel als bedoeld in artikel 4:84 Awb, heeft bij het studeren niet opgelet. Zelf ben ik niet zo geporteerd van hardheidsclausules en vooral niet de manier grillig die tegenwoordig vorm worden gegeven. Vaak geven ze de burger valse hoop. Ook komt het voor dat iedereen zich herkent in wat eigenlijk een bijzonder speciaal schrijnend geval is. Dat brengt heel veel onnodige procedures met zich mee. Daarom mijn advies: eerst heldere (beleids)regels en liever geen hardheidsclausules. Als er zich dan toch een geval voordoet dat niet is voorzien, wijzig je de (beleids)regel.

  3. Geeta Nanda-Mangon op

    Naar aanleiding van de reacties een nadere toelichting op mijn artikel.

    De aanleiding van mijn artikel is de keuze van sommige bestuursorganen om geen hardheidsclausule in de WMO-verordening op te nemen. En de hardheidsclausule als een vertaling van het artikel 4:84 Algemene wet bestuursrecht te beschouwen, dat de mogelijkheid beschrijft om als bestuursorgaan van een beleidsregel te kunnen afwijken.

    De kern van mijn artikel is dat de hardheidsclausule dient te onderscheiden worden van het artikel 4:84 Algemene wet bestuursrecht. Ik vind dat de hardheidsclausule geen vertaling kan zijn van het artikel 4:84 Algemene wet bestuursrecht.

    In mijn artikel heb ik getracht aan te geven waarom de harheidsclausule geen vertaling van het artikel 4:84 Algemene wet bestuursrecht kan zijn. Hierbij heb ik het artikel 3:4 behandeld. Dit artikel wordt niet expliciet genoemd, maar staat wel beschreven onder het kopje “Belangenafweging” de 2e alinea en onder “Regels” de eerste regel.

    Vervolgens heb ik geconcludeerd dat het afwijken van de verordening onder gebruikmaking van de hardheidsclausule beter past bij de WMO visie dan het gebruiken van het artikel 4:84 Algemene wet bestuursrecht.

    Het is enigzins een wettechnisch verhaal dat ik probeerde zo begrijpelijk mogelijk te schrijven.

Reageer