In 2025 had 6 procent van de huishoudens te maken met energiearmoede, net zo veel als in 2024. Het gaat om 503 duizend huishoudens, vooral in de grote steden en aan de randen van het land. Dat blijkt uit nieuwe voorlopige cijfers van TNO en het CBS.
De betreffende huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten kwamen in 2025 gemiddeld 624 euro te kort, tegen 577 euro in 2024. Een bijdrage van het Rijk van 256 miljoen euro was voldoende geweest om deze huishoudens uit de energiearmoede te helpen.
Energiekosten niet op te brengen
In het rapport Energiearmoede in Nederland en de Monitor Energiearmoede hebben TNO en het CBS onderzocht hoe energiearmoede zich tussen 2019 en 2025 heeft ontwikkeld. Na de Russische inval in Oekraïne in februari 2022 stegen de energiekosten voor iedereen in Nederland fors. Financiële steunmaatregelen van de overheid hebben in 2022 en 2023 een aantal huishoudens behoed voor energiearmoede. Voor een relatief kleine groep huishoudens met een laag inkomen was dit echter niet genoeg. Zij kampten nog steeds met hoge energiekosten, die zij niet konden betalen.
Intensiteit energiearmoede groeit
Voor het eerst is niet alleen gekeken naar het aantal huishoudens dat met energiearmoede te maken heeft, maar ook naar de diepte van het probleem. Dit is gebeurd aan de hand van de zogenoemde betaalbaarheidskloof: het bedrag dat een huishouden met energiearmoede jaarlijks tekort komt om de energiekosten onder de grens van energiearmoede te brengen. Die kloof is in 2025 verder toegenomen. Energiearme huishoudens in woningen met een zeer slechte energiekwaliteit en die met een koopwoning hebben de grootste tekorten. Zij komen gemiddeld respectievelijk 1295 euro en 967 euro per jaar tekort om uit energiearmoede te komen, ver boven het gemiddelde van 624 euro voor alle huishoudens met energiearmoede in 2025.
Energiekosten groter deel van inkomen
De gemiddelde maandelijkse energiekosten zijn opnieuw gestegen in 2025, van gemiddeld 167 euro in 2024 naar 181 euro in 2025 voor alle huishoudens. Voor energiearme huishoudens namen ze toe van 177 naar 188 euro. Ook de energiequote steeg. Gemiddeld geeft een huishouden 5 procent van het inkomen uit aan energiekosten. Bij energiearme huishoudens is dat gemiddeld 12 procent. Dit is sinds 2019 elk jaar toegenomen, alleen in 2022 en 2023 kwam het gemiddelde lager uit door de financiële steunmaatregelen. De stijging van zowel de vaste kosten als het energieverbruik zorgden ervoor dat de uitgaven aan energie harder toenamen dan de inkomens.
Aan de randen van Nederland
Energiearmoede komt relatief vaak voor in de grote steden en in Noordoost-Groningen en Zuid-Limburg. De huishoudens met een diepe betaalbaarheidskloof wonen vooral aan de randen van Nederland. Nadat de financiële steunmaatregelen in 2024 werden stopgezet, steeg het aandeel huishoudens met energiearmoede dat jaar weer naar 6 procent. In 2025 is dat niet veranderd en blijft het op 6 procent, wat overeenkomt met naar schatting 503 duizend huishoudens. Wel is dit percentage nog altijd lager dan in 2021 (6,8 procent), het jaar voordat de steunmaatregelen werden ingevoerd.
Hoger verbruik
Huishoudens met energiearmoede hebben een laag inkomen in combinatie met hoge energiekosten. Het kan ook zo zijn dat ze een woning hebben die moeilijk is te verwarmen door slechte isolatie of een huis dat niet geschikt is om energie op te wekken met bijvoorbeeld zonnepanelen.
Binnen de groep van 503 duizend huishoudens met energiearmoede is vorig jaar wel wat verschoven. Zo neemt het aantal huishoudens met een laag inkomen en een woning met een slechte energiekwaliteit verder af. Gemeentelijke energiehulp bij het verduurzamen en energiezuiniger maken van de woning heeft hier zeker toe bijgedragen. Het aantal huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten neemt echter toe, van 385 duizend in 2024 naar 410 duizend in 2025. Dit komt vooral door een hoger energieverbruik en een stijging van de vaste leveringskosten voor gas en elektra.
Sneller isoleren
Kijkend naar de geopolitieke ontwikkelingen, met name de oorlog tussen de VS en Iran die op 28 februari dit jaar uitbrak, zullen de energiekosten in 2026 naar verwachting eerder verder oplopen dan afnemen. De energiearmoede zal als gevolg daarvan eveneens meer huishoudens treffen dan in 2025.
Kabinet-Jetten heeft dit voorjaar 300 miljoen euro vrijgemaakt voor versnelde isolatie van slecht geïsoleerde woningen. Dit gebeurt via de aanpak van energiearmoede, de subsidieregeling verduurzaming voor Verenigingen van Eigenaars (SVVE) en het Nationaal Warmtefonds. Daarvan is 80 miljoen euro bestemd voor extra inzet van energiecoaches, energiefixers en het Energiehuis. Verder gaat 15 miljoen euro naar de aanpak van energiearmoede in de gebieden van het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV).




Geef een reactie