In de praktijk: eigen kracht stimuleren bij Jeugdzorg

3

De Jeugdzorg gaat naar gemeenten en die krijgen het advies de eigen kracht van gezinnen te gebruiken. In Houten hebben ze hier al ervaring mee.

Houten is een van de gemeenten die een pilot van het project Allemaal Opvoeders in de praktijk brengt. Het project is een initiatief van het Nederlands Jeugdinstituut.

“Het beleid van de gemeente Houten op het gebied van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (Wmo) en het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG) heeft twee belangrijke doelstellingen: uitgaan van eigen kracht en het stimuleren van onderlinge ondersteuning”, staat op de website van het instituut.

Coördinatie

De aansturing van de pilot is verschoven van een gemeenteambtenaar naar een coördinator van het CJG, omdat de medewerker van het centrum meer zicht heeft op de praktijk. De bedoeling is dat het proefproject een permanent karakter krijgt. Door het tot een vast agendapunt te maken tijdens overleg van de brede school en het CJG moet dit gaan lukken.

Houten wil meerdere doelen bereiken. Ouders moeten elkaar leren kennen en met elkaar in gesprek gaan over de opvoeding van hun kinderen. Ook jongeren moeten elkaar leren kennen en ondersteunen. En professionals moeten gaan inzien dat ze op deze manier een stapje terug kunnen doen.

De vraag is natuurlijk hoe je dit kunt stimuleren als gemeente. Het jeugdinstituut zet de Houtense activiteiten op een rij:

  • De zogeheten Family Factory is een stichting voor opvoedingsondersteuning. Een serie workshops met vaststaande onderwerpen moet ouders informeren. “De bijeenkomsten zijn voor- en door ouders, om elkaar te inspireren en te coachen om het beste uit hun gezin te halen”, staat op de site. “Verder ondersteunt The Family Factory zogenaamde gezinsnetwerken: een kerngroep van ouders organiseert een aantal keer per jaar activiteiten voor andere ouders.”
  • Een inwoner van de gemeente heeft in Houten Zuid een kinderspeelcafé opgericht, in navolging van haar succesvolle kinderspeelcafé in Houten Noord. “In dit kinderspeelcafé kunnen kinderen spelen en ouders elkaar ontmoeten. Iedere woensdagochtend verzorgen vrijwilligers dit speelcafé.”
  • De Stichting Fladderen Houten organiseert voor kinderen van 4 tot en met 14 jaar een vakantiefestijn. In de laatste week van de zomervakantie wordt dit georganiseerd op elf verschillende locaties in de gemeente. “Doel van Fladderen is naast het plezier voor kinderen, het vergroten van onderlinge betrokkenheid van ouders en vrijwilligers uit de gemeente.”
  • In Houten Noord is een wijkmusical georganiseerd, met als doel positief opvoeden en intergenerationele ontmoeting te stimuleren.
  • Tijdens koffie ochtenden op een basisschool wordt gebouwd aan het sociale netwerk van ouders.
  • “Een groep ouders van hoogbegaafde kinderen heeft contact met elkaar gezocht en zich verenigd in Slim in Houten.”

 

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

3 reacties

  1. Ik ben bang dat het blanke, westerse Houten niet of nauwelijks representatief is voor de rest van de wereld. Als maatschappelijk werker in Rotterdam, proberen we al jaren “eigen kracht” conferenties, “geweldloos verzet bij agressieve jongeren” en wat voor modegrillen er allemaal niet eerder zijn geweest. Eigen kracht is iets dat maatschappelijk werkers ook al zo lang toepassen als het beroep er is. laten we nu niet de fout maken om bezuinigen te verwarren met eigen kracht. In Rotterdam zie je in dat opzicht al de wrange vruchten hangen van ouders die hun kind domweg niet naar school krijgen, ondanks sit inns, familie conferenties etc. Soms is echte hulpverlening nodig en ik wil wel eens zo’n werker uit Houten bij een van mijn gezinnen aan het werk zien.

  2. Eens met Jan. Ik vrees dat er geen enkel leereffect in zit voor de gemeenten die echt met grote en structurele problemen in de jeugdzorg te maken hebben. Hierna: successen van de Gemeentelijke Werkgroep Hoogwaterbescherming Hoenderlo?

  3. Tineke de Waard op

    Houten is een gemeente waar allerlei problematiek voorkomt, zij het op andere schaal dan in de grote stad. Het werken volgens “??n gezin. ?n plan sluit geenszins hulpverlening in welke vorm dan ook uit. Integendeel: het geeft vorm aan integrale en intersectorale hulp. Vanuit de inhoud bieden wat nodig is, door de juiste deskundigheid. Het wil ook een betere aansluiting bij gezinnen bieden die de verbinding met de hulpverlening hebben verbroken. Ook deze werkwijze is geen “haarlemmerolie’. Er blijven lastige problemen bestaan waar meer drang en dwang noodzakelijk kan zijn. Maar ook dat kan binnen deze werkwijze een plek krijgen. En inderdaad: het social work heeft hier al decennia lang ervaring mee.

Reageer