Organisatie vrijwillige schuldhulpverleners essentieel

2

Steeds meer gemeenten zetten vrijwilligers in bij de uitvoering van schuldhulpverlening. De eerste ervaringen wijzen uit dat zij echt toegevoegde waarde hebben, maar alleen als hun inzet goed georganiseerd en begeleid wordt. Doe je dat niet dan zitten er ook risico’s aan.

– SERIE schuldhulpverlening – Nadja Jungmann

De vrijwilligers houden zich immers bezig met de financiën van een groep kwetsbare mensen. Samen met Tamara Madern schreef ik voor de ANBO en het Nibud een eerste verkenning over de inzet van vrijwilligers bij financiële problematiek. De verkenning leverde onder meer een aantal concrete aandachtspunten op. De belangrijksten som ik hier op.

Om te beginnen is een vrijwilliger geen professional. Hij moet dus ook niet zodanig worden ingezet of dienen als vervanger. De kracht van de vrijwilliger is dat hij naast de schuldenaar staat en mede daardoor snel een vertrouwensband kan opbouwen. Ook hebben ze meer tijd en kunnen ze geen sancties opleggen. Deze verschillen bieden soms net ruimte en het vertrouwen bij de cliënt om die dingen voor elkaar te krijgen die de professional alleen niet bereikt. Aan de keukentafel krijg je soms dingen voor elkaar die in de spreekkamer niet lukken!

Geen professional
Het feit dat de vrijwilliger geen professional is, betekent niet dat we iedereen die zich aanbiedt zomaar kunnen inzetten. Mensen met financiële problemen zijn kwetsbaar. Vaak hebben ze naast financiële problemen ook allerlei andere problemen; moeite met lezen en schrijven, een tekort aan zelfredzaamheid of een tekort aan financiële vaardigheden.

Het is bij deze groep dan ook van groot belang dat de vrijwilligers die we inzetten betrouwbaar zijn en weten wat ze doen. Dit vraagt een gedegen screening (vrijwillig betekent niet dat het voor iedereen is weggelegd) en scholing. Uit het Nibud/ANBO onderzoek blijkt onder meer dat een derde van de huidige vrijwilligers geen training gehad voor hij of zij begon als vrijwilliger. Daardoor misten ze naar eigen zeggen kennis over onder meer de mogelijkheden van schuldhulpverlening, de beschikbare inkomensondersteunende voorzieningen of mogelijkheden om mensen te coachen. 

Financiering
Een derde aandachtspunt is de financiering. Het feit dat vrijwilligers niet in dienst zijn, betekent niet dat hun inzet gratis is. Een training, reiskosten of andere onkosten moeten worden betaald. Het is heel reëel dat vrijwilligersorganisaties aan gemeenten die baat hebben bij de inzet van vrijwilligers om een bijdrage vragen. Wat overigens niet betekent dat van vrijwilligersorganisaties niet mag worden gevraagd dat zij ook zelf voorzien in de financiering van hun activiteiten.

Dit jaar worden er tal van projecten opgestart met een rijkssubsidie. Vrijwilligersorganisaties en gemeenten staan voor de gemeenschappelijke opgave een duurzame financiering te vinden.

Vrijwilligers kunnen in een individueel dossier echt het verschil maken. Tenminste, als ze op een gedegen manier zijn geselecteerd en beschikken over noodzakelijke kennis en vaardigheden. Het feit dat er momenteel flink wordt bezuinigd, draagt bij aan de interesse in vrijwilligers. Dat is mooi omdat het de intrede van deze nieuwe speler bevordert. Maar wie A zegt, moet ook B zeggen. En in dit geval betekent dit dan ook zorgen dat je als gemeente de juiste randvoorwaarden schept voor hun inzet.

Volg Gemeente.nu via Twitter.

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

2 reacties

  1. Ans Vreeken op

    Ik heb als maatschappelijk werkster de ervaring dat er v??l komt kijken bij complexe schuldhulpverlening; scholing, werkervaring en onderlinge feedback zijn daarin belangrijk. Financi?le problemen kunnen worden vergroot door ondeskundig handelen, waardoor strukturele oplossingen nog moeilijker worden. Ik vind het een onderschatting van de ingewikkeldheid van deze problematiek, om dit door vrijwilligers te laten doen.

Reageer