Gemeenten onder toezicht om jeugdzorg, roep om noodwet

1

Staatssecretarissen Van Rijn en Teeven willen van een kwart van de jeugdzorgregio’s meer zekerheid over de continuïteit van jeugdzorg. Jeugdzorg Nederland roept om een noodwet.

‘Alle gemeenten zijn er per 1 januari klaar voor’, was het adagium op het VNG-jaarcongres. Twijfel of zorg werden weggewuifd, de lijn was duidelijk. ‘Gemeenten zullen klaar zijn, het kan niet anders. Er is een groot gevoel van urgentie, ook bij gemeenten’, was het officiële standpunt dat ook door Jantine Kriens met verve werd uitgedragen.

“”De urgentie is groot,” ziet ook Van Rijn. Hem valt op dat het in 31 van de 42 regio’s goed gaat. “Mijn collega Teeven en ik zien dat er grote stappen worden gezet. Driekwart van de gemeenten zit op koers.” Maar een kwart dus niet en dat baart zorgen. “In dit stadium wachten we natuurlijk niets af”, stelt Van Rijn. De staatssecretaris is niet van het zekere voor het onzekere te nemen.

De betreffende 11 regio’s hebben de staatssecretarissen nog onvoldoende zekerheid geboden over hoever ze zijn met de inkoop van zorg en zullen daarom goed worden doorgelicht. Als de doorlichting daar aanleiding toe geeft, zullen Van Rijn en Teeven na bestuurlijk overleg met de betreffende gemeenten vaststellen welke vervolgstappen noodzakelijk zijn om de continuïteit van zorg voor kinderen te borgen. Dit kan dan worden aangemerkt als een stap op de escalatieladder naar een bestuurlijke aanwijzing.

VNG
“VNG gaat er vanuit dat ook die regio’s voor 1 januari hun zaken op orde hebben”, aldus een reactie van de VNG die inmiddels wel weer erkent dat “enkele regio’s achter lopen.” Maar dat hoef nog geen reden tot paniek te zijn. “De gemeenteraden zullen hun college daarop gaan aanspreken”, weet de VNG. “Het is ook de raad die de gemeentelijke begroting officieel moet goedkeuren.”

Jeugdzorg Nederland
Jeugdzorg Nederland maakt zich ernstige zorgen over de continuïteit van de zorg. En onderbouwt deze zorg met een peiling waaruit blijkt dat driekwart van de jeugdzorginstellingen geen zicht heeft op het budget in 2015. Het geloof dat dit allemaal als bijna vanzelf goed zal komen is er allang niet meer. Daarom “pleit Jeugdzorg Nederland voor een Noodwet die de overgang van de jeugdzorgaanbieders naar de gemeenten zorgvuldig regelt.”

Die noodwet zou een einde moeten maken aan de onduidelijkheid. “Jeugdzorg Nederland wil het nieuwe stelsel tot een succes maken. Vanuit de huidige situatie van voortdurende onduidelijkheid is dit een onmogelijke opgave. Jeugdzorg Nederland acht het van groot belang dat op korte termijn duidelijkheid wordt gegeven aan de jeugdzorgorganisaties, waarbij een verantwoorde overgang naar de gemeenten centraal staat. Deze verantwoorde overgang ontbreekt in de huidige Jeugdwet.”

De VNG ziet niks in zo’n wet en vraagt om geduld en begrip en zegt daarin gesteund te worden door het Rijk. “De VNG begrijpt de zorgen van Jeugdzorg Nederland en dat zij graag absolute duidelijkheid willen over de budgetten. Het is ook goed dat zorgaanbieders hun zorgen delen over de effecten het aanbestedingsproces. Toch delen de VNG en het Rijk niet het beeld van het inkoopproces zoals Jeugdzorg Nederland dat schetst. Het beeld dat de VNG en het Rijk hebben, is dat een overgrote deel van de jeugdzorgorganisaties eruit komt met gemeenten, al is dat dan pas in oktober. Bij het inkopen jeugdhulp moeten gemeenten zorgvuldig te werk gaan.”

Share on FacebookTweet about this on TwitterShare on LinkedInEmail this to someone

Over Auteur

1 reactie

  1. Frits van Vugt (Public Consultancy) op

    Dat er gemeenten /jeugdregio’s zijn die laat begonnen zijn met het inkoopproces van jeugdzorg was al eerder bekend. In veel gemeenten moesten in het voorjaar de inkopers nog geworven worden, laat staan dat het inkoop-/subsidieringsproces nog opgetuigd worden.
    Volgens de beide staatssecretarissen is het nu vijf voor twaalf, aangezien deze gemeenten die achterstand niet zijn ingelopen: ‘In 11 regio?s biedt het inkoopproces ? gezien de beschikbare tijd ? onvoldoende zekerheid dat de subsidies daadwerkelijk vóór 1 november 2014 vastgesteld c.q. de contracten voor die datum gesloten zijn’. Dat is kwalijk!
    Temeer daar er in de jeugdzorg toch al aangekoerst wordt op continuering van de bestaande subsidie-afspraken. In de Wmo ligt dat anders: daar is de wet veel later vastgesteld, ligt de bezuinigingstaak veel hoger en is er in veel gevallen sprake van meerdere aanbieders voor vergelijkbaar soorten zorg. (Is er een dergelijk signaal van de staatssecr. van VWS binnenkort ook te verwachten voor de Wmo-inkoop?)

    De jeugdzorginkoop had dus een makkie moeten zijn, maar dat blijkt niet in 11 regio’s.
    Is al bekend welke regio’s dat zijn? Want dan kunnen de gemeenteraden aan de bel trekken en de wethouders hierop aanspreken, zoals de VNG terecht aangeeft.

Reageer