Sportaanbestedingen veel te rigide

0

De Aanbestedingswet wordt door veel gemeenten ‘te rigide geïnterpreteerd’ bij de inkoop van sportvoorzieningen. Dit gebeurt ‘uit onwetendheid of uit angst niet volgens de regels te handelen,’ zo stelt de Vereniging Sport en Gemeenten (VSG) in een leidraad voor ‘sportief aanbesteden’.

Het angstvallig vasthouden aan de regels leidt ertoe dat ‘wensen en dromen van de
plannenmakers niet kunnen worden uitgevoerd en de burger niet krijgt wat hij had gewenst’. Bovendien gaat er nog veel fout bij aanbestedingsprocedures, constateert de vereniging. Dat heeft te maken met onder meer gebrek aan communicatie met de markt en ‘zelfs wederzijds wantrouwen’.

Risico’s beheersen

De gevolgen zijn volgens de leidraad niet mals. Het geklungel bij de inkoop van sportvoorzieningen leidt tot ‘niet-proportionele aanbestedingen, onduidelijke toetsingscriteria en het onevenredig neerleggen van nauwelijks tot niet te beheersen risico’s bij de opdrachtnemer’. Om dat laatste te verduidelijken: risico’s die bijvoorbeeld te maken hebben met grondwaterstanden, draagkracht, vervuiling, ongewenste objecten en dergelijke, worden in aanbestedingen vaak volledig neergelegd bij de markt. ‘Het heeft echter geen zin om risico’s bij een aanbieder neer te leggen als deze die niet kan beheersen.’

Beter aanbesteden

De VSG heeft in het document Sportief Aanbesteden (pdf) ‘gouden regels’ geformuleerd voor sportaanbestedingen, die zijn afgestemd op en een uitwerking van de actieagenda Beter Aanbesteden die in februari door staatssecretaris Keijzer van Economische Zaken in ontvangst is genomen. De opsteller van de actieagenda, Matthijs Huizing, zei onlangs tegen Gemeente.nu ook al dat lokale overheden soms onverstandig te werk gaan. ‘Ik ken ondernemers die zeggen: ik begin er gewoon niet meer aan,’ aldus Huizing.

Contact voorfase

Als voorbeeld van een wijdverbreid misverstand noemt de vereniging dat gemeenten ‘vaak huiverig zijn om in de voorfase contact te leggen met potentiële uitvoerders’. In de Aanbestedingswet staat namelijk dat het adviesbureau dat in de voorfase advies uitbrengt, niet bij de uitvoering betrokken zou mogen zijn. ‘Dergelijk contact mag echter wel degelijk, mits de naleving van het beginsel van gelijke behandeling wordt nageleefd. Sterker: zolang dit wordt nageleefd mág een dergelijke adviseur niet worden uitgesloten van deelneming.’

Daarom stelt de VSG: ‘Een gemeente kan zich gerust vooraf laten adviseren door deskundige partijen mits de verkregen informatie wordt uitgewisseld met alle gegadigden in een aanbestedingsprocedure.’

Over Auteur

Richard Sandee

Richard Sandee is coördinator van Gemeente.nu. Hij heeft vijftien jaar ervaring als journalist bij uitgaven over politiek en bestuur binnen de verschillende overheidslagen. Vooral op het gebied van financiën en economie. Vragen, opmerkingen of tips? Mail r.sandee@sdu.nl

Reageer